ROTTERDAM – De Douane gaat vanaf 1 april 2027 preferentiële oorsprongsbewijzen van gebruikte machines actiever controleren. Exporteurs moeten kunnen aantonen dat goederen daadwerkelijk voldoen aan de oorsprongsregels van een handelsovereenkomst. Volgens de Douane gaat dat bij de export van gebruikte machines regelmatig mis.
Een preferentieel oorsprongsbewijs kan ervoor zorgen dat een importeur bij invoer in een land waarmee een handelsovereenkomst bestaat minder of geen invoerrechten hoeft te betalen. Met het bewijs verklaart de exporteur dat het betreffende product voldoet aan de oorsprongsregels van die handelsovereenkomst.
Voorbeelden van dergelijke documenten zijn het certificaat EUR.1, een oorsprongsverklaring en een attest van oorsprong.
Onvoldoende bewijs in administratie
Uit controles van de Douane blijkt regelmatig dat exporteurs onvoldoende onderliggend bewijs hebben voor de preferentiële oorsprong die zij verklaren.
Soms beschikken bedrijven bijvoorbeeld alleen over een document waarop de productielocatie staat. Dat is volgens de Douane niet voldoende. Ook blijken belangrijke documenten soms helemaal in de administratie te ontbreken.
Bedrijven die gebruikte machines of andere goederen exporteren en daarvoor een preferentieel oorsprongsbewijs willen aanvragen of afgeven, moeten daarom beschikken over administratief bewijs waaruit blijkt dat aan de oorsprongsregels en andere voorwaarden van de betreffende handelsovereenkomst wordt voldaan.
Leveranciersverklaring van producent of merkimporteur
Exporteurs die als handelaar optreden, gebruiken volgens de Douane bij voorkeur een preferentiële leveranciersverklaring voor de machine. Deze verklaring moet uiteindelijk afkomstig zijn van de producent of een officiële merkimporteur in een van de EU-lidstaten.
Elk gebruikt bewijs moet zijn gebaseerd op gegevens die uiteindelijk door de producent zijn verstrekt.
Ook producentenverklaring kan voldoende zijn
In sommige gevallen kan een producentenverklaring voldoende bewijs zijn voor een exporteur die als handelaar optreedt. Deze verklaring moet afkomstig zijn van de producent en alle relevante informatie bevatten over de preferentiële oorsprong van de machine.
In de producentenverklaring moeten minimaal de naam van de producent, een voldoende specifieke omschrijving van het product en de plaats van productie worden vermeld.
Daarnaast moet de producent verklaren dat het product volgens hem de preferentiële oorsprong heeft en uitleggen waarop dit is gebaseerd. Ook moeten de toepasselijke oorsprongsregel, het protocol en de lijstregel worden vermeld. De verklaring moet ten slotte zijn voorzien van de handtekening van de producent.
Probleem bij oudere gebruikte machines
Het achteraf verzamelen van ontbrekende informatie kan bij gebruikte machines lastig of zelfs onmogelijk zijn. Zo kan een producent inmiddels niet meer bestaan.
Wanneer een exporteur daardoor onvoldoende informatie kan verzamelen, kan de preferentiële oorsprong volgens de Douane niet worden aangetoond.
Bewijs zeven jaar bewaren
Exporteurs zijn verplicht het onderliggende bewijs voor een preferentieel oorsprongsbewijs zeven jaar in hun administratie te bewaren.
De Douane adviseert exporteurs van gebruikte machines daarom om tijdig de juiste documenten te verzamelen en te bewaren. Dat advies geldt ook wanneer op dat moment nog niet bekend is of een machine later daadwerkelijk zal worden geëxporteerd.
De actievere controles op de preferentiële oorsprongsbewijzen beginnen op 1 april 2027.






