ROTTERDAM – Het kabinet wil beter zicht krijgen op dronevluchten boven Nederland en begint daarom nog dit jaar met een praktijkproef in de Rotterdamse haven. Bedrijven en overheidsinstanties gaan daar samenwerken om drones te detecteren en informatie uit verschillende systemen te bundelen. De proef vormt de eerste stap naar een nationale database waarmee ongeautoriseerde dronevluchten sneller kunnen worden herkend en aangepakt.
Dat heeft het kabinet vrijdag 6 november bekendgemaakt. De nieuwe database moet een vollediger overzicht geven van het droneverkeer in Nederland. Momenteel is informatie over dronevluchten verspreid over verschillende private en publieke organisaties, waardoor een totaalbeeld ontbreekt.
Met het samenbrengen van deze gegevens wil het kabinet niet alleen ongewenste droneactiviteiten beter kunnen signaleren, maar ook ruimte bieden aan de verdere ontwikkeling van legale dronetoepassingen.
Incidenten bij vliegbases en Eindhoven Airport
De plannen volgen op verschillende incidenten met ongeautoriseerde drones in 2025. In relatief korte tijd werden onder meer bij vliegbases van Defensie en Eindhoven Airport ongewenste drones waargenomen.
Het vorige kabinet richtte daarop een taskforce op om dit soort dronegebruik tegen te gaan.
Volgens het kabinet zijn er op dit moment geen aanwijzingen dat de dreiging van drones voor de nationale veiligheid is toegenomen. Wel wordt rekening gehouden met de mogelijkheid dat dit in de toekomst verandert.
Daarom zijn het afgelopen jaar al verschillende maatregelen genomen. De ontwikkeling van een nationale database is de volgende stap.
Rotterdamse haven als eerste testgebied
De Rotterdamse haven is aangewezen als eerste locatie waar de nieuwe aanpak in de praktijk wordt getest.
Tijdens de proef gaan bedrijven en overheidsinstanties ervaring opdoen met verschillende technologieën voor het detecteren van drones. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van radiofrequenties, geluidssensoren, camera’s en radar.
Door informatie uit deze systemen met elkaar te combineren, moet een zo volledig mogelijk beeld ontstaan van alle drones die zich in het havengebied bevinden.
Een belangrijk onderdeel van de proef is het onderscheid kunnen maken tussen drones die toestemming hebben om te vliegen en drones die ongeautoriseerd in het gebied aanwezig zijn.
Daarbij wordt ook ervaring opgedaan met zogenoemde U-spacediensten. U-space is het Europese luchtverkeersmanagementsysteem dat is ontwikkeld om dronevluchten veilig te laten plaatsvinden en het gebruik van het luchtruim te coördineren.
Het systeem kan helpen om toegestane dronevluchten te onderscheiden van ongewenste activiteiten.
Drones al ingezet voor inspecties en transport
De Rotterdamse haven maakt momenteel al gebruik van drones voor uiteenlopende werkzaamheden.
Zo worden drones ingezet voor beveiligingscontroles, inspecties van infrastructuur en het vervoer van bepaalde materialen en producten.
Ook kunnen drones worden gebruikt om bij branden en andere incidenten snel een eerste beeld van de situatie te krijgen. Door deze inzet als zogenoemde first responder kunnen hulpdiensten sneller over informatie beschikken.
Het kabinet benadrukt dat drones belangrijke voordelen bieden voor de veiligheid, bereikbaarheid en efficiëntie van transport en infrastructuur.
Ook buiten de haven worden drones al gebruikt voor onder meer inspecties van bruggen, sluizen en dijken en voor medisch transport tussen ziekenhuizen, bijvoorbeeld voor het vervoer van bloed.
Schiphol in 2027, Noordzee in 2028
De praktijkproef in Rotterdam vormt het begin van een stapsgewijze landelijke uitbreiding van de database.
Volgens de huidige planning wordt Schiphol in 2027 aan het systeem toegevoegd.
In 2028 moet de database worden uitgebreid naar de Noordzee en de vitale infrastructuur die zich daar bevindt.
Richting 2030 wil het kabinet ook andere publieke en private voorzieningen die van vitaal belang zijn voor Nederland in het systeem opnemen.
Daarmee moet uiteindelijk een landelijk overzicht ontstaan waarmee betrokken organisaties beter kunnen samenwerken bij het signaleren en aanpakken van ongeautoriseerde dronevluchten.
Nationaal Expertisecentrum van start
Naast de ontwikkeling van de database heeft het kabinet een Nationaal Expertisecentrum ingericht.
Dit expertisecentrum is in het derde kwartaal van 2026 van start gegaan en biedt ondersteuning aan organisaties die verantwoordelijk zijn voor vitale processen en infrastructuur.
Deze organisaties kunnen er terecht met vragen over drones en de bescherming tegen ongewenste droneactiviteiten.
Strategische agenda voor dronesector
Het kabinet werkt daarnaast aan een Strategische Agenda Onbemande Luchtvaart. Hierin wordt vastgelegd hoe Nederland de mogelijkheden van drones beter kan benutten en de verdere ontwikkeling van de sector kan stimuleren.
Een van de aangekondigde maatregelen is de organisatie van een Nationale Drone Top in de eerste helft van 2027.
Tijdens deze bijeenkomst moeten bedrijven, overheden en andere betrokken partijen bij elkaar worden gebracht om de samenwerking te versterken.
Met de combinatie van betere detectie, informatie-uitwisseling en nieuwe regelgeving wil het kabinet de veiligheid rond dronevluchten vergroten, zonder de ontwikkeling van innovatieve toepassingen in onder meer de transport-, logistieke en havensector te belemmeren.





