BONN – Ondanks het Duitse speciale infrastructuurfonds van 500 miljard euro dreigt er volgens de Bundesvereinigung Mittelständischer Bauunternehmen (BVMB) nog altijd onvoldoende geld beschikbaar te zijn voor de aanleg en modernisering van Duitse rijkswegen en autosnelwegen. De brancheorganisatie waarschuwt voor een nieuwe aanbestedingsstop en eist op korte termijn een oplossing voor de financiering van bouwrijpe wegenprojecten.
Volgens de BVMB verkeren delen van de Duitse infrastructuur in slechte staat, terwijl tal van projecten voor Bundesfernstraßen die klaar zijn om te worden uitgevoerd nog altijd onzeker zijn. De recente volledige afsluiting van de Nordbrücke in Bonn laat volgens de organisatie zien wat jarenlange achterstanden bij de infrastructuur kunnen veroorzaken: verkeerschaos, grote economische schade en een steeds verder oplopende moderniseringsachterstand.
De brancheorganisatie vindt het moeilijk uit te leggen dat, ondanks het speciale fonds van 500 miljard euro, jaarlijks nog minimaal 2,5 miljard euro ontbreekt voor de wegen. Ook andere vervoersmodaliteiten zijn volgens de BVMB in het huidige ontwerp van de Duitse begroting voor 2027 onvoldoende gefinancierd.
‘Nieuwe aanbestedingsstop zou politieke super-GAU zijn’
Jürgen Faupel, vicevoorzitter van de BVMB, vreest dat opnieuw wordt besloten om aanbestedingen stil te leggen.
“Onze grote vrees is een nieuwe aanbestedingsstop. Gezien de toestand van onze infrastructuur zou dat een politieke super-GAU, oftewel een politiek rampscenario, zijn”, aldus Faupel.
Zonder een financieringsoplossing op korte termijn dreigen volgens hem vertragingen bij lopende projecten. Bovendien bestaat het risico dat nieuwe aanbestedingen dit jaar niet meer tijdig op de markt kunnen worden gebracht.
Wachten tot de zogenoemde Bereinigungssitzung van de Bondsdag in november, waarin de begroting definitief wordt bijgesteld, zou volgens de organisatie te laat zijn. Ervaringen uit het afgelopen jaar laten volgens de BVMB zien dat er ook na het beschikbaar stellen van extra geld nog tijd overheen gaat voordat projecten daadwerkelijk kunnen worden aanbesteed.
Belofte van bondskanselier Merz
BVMB-directeur Michael Gilka wijst daarbij op de eerdere belofte van bondskanselier Friedrich Merz: “Alles wat bouwrijp is, wordt gebouwd.”
“Uiterlijk nu is het moment gekomen om deze belofte na te komen”, zegt Gilka.
Volgens hem kan Duitsland het zich niet langer veroorloven dringend noodzakelijke infrastructurele projecten voor zich uit te schuiven. De bouwsector heeft bovendien behoefte aan langdurige zekerheid, zodat bedrijven investeringen en personeel kunnen plannen.
Meer dan 13 miljard euro uit vrachtwagenheffing
Een mogelijke oplossing ligt volgens de BVMB bij de inkomsten uit de Duitse vrachtwagenheffing. Naar verwachting levert de Lkw-Maut meer dan 13 miljard euro op. De organisatie pleit ervoor deze inkomsten volledig te gebruiken om de wegeninfrastructuur te stabiliseren.
Tegelijkertijd verloopt de aangekondigde mogelijkheid voor Autobahn GmbH om zelfstandig geld te lenen volgens de BVMB moeizaam. Een recent circulerend wetsontwerp, dat zich volgens de organisatie nog in een vroeg stadium bevindt, zou slechts voorzien in de overdracht van een deel van de inkomsten uit de vrachtwagenheffing aan Autobahn GmbH.
Ongeveer 50 procent van de tolopbrengsten zou daarmee nog steeds naar het spoor gaan. Ook daar is volgens de brancheorganisatie sprake van een enorme investeringsbehoefte.
“Hier zou onmiddellijk en volledig compensatie voor het spoor moeten worden geregeld”, stelt Gilka.
Daarmee is volgens de BVMB echter het financieringsprobleem voor de Duitse Bundesstraßen nog niet opgelost. De organisatie wijst erop dat in het Duitse regeerakkoord is afgesproken dat inkomsten ten goede moeten komen aan de vervoersmodaliteit waaruit ze afkomstig zijn.
Vragen over schulden Autobahn GmbH
Met inkomsten uit de Lkw-Maut zou Autobahn GmbH bovendien in staat worden gesteld leningen aan te gaan. Volgens de huidige plannen zouden daarmee echter hooguit bestaande financieringstekorten kunnen worden verkleind.
De BVMB vraagt zich daarom af hoe Autobahn GmbH de opgenomen leningen in de toekomst moet terugbetalen. De brancheorganisatie wil weten of daadwerkelijk nieuwe financiële ruimte ontstaat of alleen een nieuwe mogelijkheid om schulden aan te gaan zonder voldoende structurele inkomsten voor de aflossing daarvan.
“De tijd van aankondigingen is voorbij. De politiek moet in het verdere parlementaire proces zorgen voor een oplossing op korte termijn en een permanent betrouwbare financiering van de Bundesfernstraßen”, stellen Faupel en Gilka.
De BVMB vertegenwoordigt middelgrote bouwbedrijven in Duitsland. De aangesloten ondernemingen hebben gezamenlijk meer dan 300.000 werknemers en realiseren volgens de organisatie een jaarlijkse omzet van ongeveer 40 miljard euro. De leden zijn onder meer actief in wegen-, bruggen-, spoor-, grond- en utiliteitsbouw.






