ZOETERMEER/AMSTERDAM – De Nederlandse economie heeft minder last van laagwater dan de Duitse economie, dat zegt ING-econoom Rico Luman. In Nederland zijn er door het uitgebreide vaarwegennetwerk meer alternatieve routes dan in Duitsland en bovendien is een groot deel van Nederland nog relatief goed bevaarbaar, legt hij uit.
Bij Lobith, waar de Rijn Nederland binnenkomt, is maandag een nieuw laagterecord bereikt. De lage waterstand heeft op bepaalde plekken in Nederland al tot problemen geleid, maar volgens Luman is dat zeker niet overal zo. “De impact voor de regio Twente is heel groot, vanwege de sluiting van de Twentekanalen. Maar een groot deel tussen Rotterdam, Amsterdam en Antwerpen kent nog geen beperkingen.”
In Duitsland zijn de gevolgen groter, volgens Luman. De laadcapaciteit voor schepen die naar de Midden- of Boven-Rijn varen is inmiddels nog zo’n 20 procent. Bovendien zit veel Duitse chemische industrie aan de oevers van de Rijn. Die is daardoor niet goed op een andere manier te bereiken.
Kaub
Het lage waterpeil bij Kaub, een belangrijk knelpunt voor de scheepvaart op de Rijn, dreigt de rivier in twee bevaarbare delen op te splitsen. Om te voorkomen dat de bevoorradingsketen in Duitsland vastloopt, mogen in verschillende deelstaten vrachtwagens nu ook zondag de weg op. Maar volgens Luman is de impact hiervan beperkt. “Containers kunnen goed over de weg, maar voor chemicaliën, kolen en bijvoorbeeld graan is het heel lastig om dit in groten getale op de weg te zetten.” Om één binnenvaartschip te vervangen zijn zo’n tachtig vrachtwagens nodig, aldus Luman.
Ook in Nederland wordt er gezocht naar alternatieve manieren van vervoer. Er worden meer schepen ingezet om dezelfde hoeveelheid lading te vervoeren. “Maar het is ook zo dat er niet een oneindige hoeveelheid extra schepen beschikbaar is. Dus de markt zoekt alternatief vervoer, via spoor en de weg”, stelt een woordvoerster van branchevereniging Transport en Logistiek Nederland.
Krapte
Maar op het spoor zijn niet zomaar extra treinen in te zetten en ook via de weg kan niet alles opgevangen worden. “Met krapte aan chauffeurs en voertuigen is dit niet zomaar te regelen”, stelt de woordvoerster. “Ons beeld is dat er momenteel veel geïmproviseerd wordt om aan de transportvraag te kunnen voldoen. Dit leidt onvermijdelijk tot vertragingen.”
Volgens Luman betekent het vooral dat er veel lading blijft liggen als dat mogelijk is. “Sommige bedrijven kunnen niet wachten en dan kost het transport veel meer.”






