HomeTRANSPORTNIEUWSWegvervoerArbeidsconflict tussen chauffeur en transportbedrijf eindigt bij rechter in ontbinding dienstverband

Arbeidsconflict tussen chauffeur en transportbedrijf eindigt bij rechter in ontbinding dienstverband

ROTTERDAM – De kantonrechter in Rotterdam heeft de arbeidsovereenkomst tussen een internationaal chauffeur en een Rotterdams transportbedrijf ontbonden vanwege een duurzaam verstoorde arbeidsrelatie. De chauffeur stelde dat het conflict ontstond na wijzigingen in het beleid rond de zogenoemde pauzestaffel en de manier waarop de werkgever met zijn ziekteperiode omging.

De chauffeur werkte sinds maart 2022 als internationaal chauffeur bij het bedrijf en meldde zich begin januari 2025 ziek. Volgens hem was de arbeidsrelatie daarna onherstelbaar beschadigd geraakt doordat de werkgever een wijziging in de pauzestaffel had doorgevoerd en bezwaren daartegen zou hebben genegeerd. Ook vond hij dat adviezen van bedrijfsartsen onvoldoende werden opgevolgd en dat loonopschortingen werden gebruikt als drukmiddel tijdens gesprekken over mediation en een beëindigingsregeling.

Het transportbedrijf erkende tijdens de procedure dat de arbeidsrelatie duurzaam verstoord was geraakt en verzette zich niet tegen ontbinding van het dienstverband. Het bedrijf betwistte echter dat sprake was van ernstig verwijtbaar handelen.

Discussie over pauzestaffel

Centraal in het conflict stond een wijziging van de pauzestaffel binnen het bedrijf. Volgens de chauffeur week de werkgever daarmee af van de cao Beroepsgoederenvervoer. De rechter stelde vast dat de wijziging vooraf was besproken met de ondernemingsraad en chauffeurs en dat inhoudelijk op de bezwaren van de chauffeur was gereageerd.

Zelfs als de wijziging niet volledig in lijn zou zijn met de cao, vond de kantonrechter dat onvoldoende voor de conclusie dat de werkgever ernstig verwijtbaar had gehandeld.

Kritiek op loonopschortingen

De rechter had wel kritiek op de wijze waarop het bedrijf tweemaal de loonbetaling opschortte nadat de chauffeur niet verscheen bij gesprekken en een afspraak met de bedrijfsarts. Volgens de kantonrechter had de werkgever meer rekening mogen houden met de persoonlijke omstandigheden en psychische klachten van de werknemer.

Toch ging de rechter niet zover om te spreken van ernstig verwijtbaar handelen. Daarbij woog mee dat het opgeschorte loon later alsnog volledig werd uitbetaald.

Geen billijke vergoeding

Omdat geen sprake was van ernstig verwijtbaar handelen door de werkgever, hoeft het bedrijf geen billijke vergoeding te betalen. De chauffeur kreeg aanvankelijk ook geen recht op een transitievergoeding bij ontbinding op zijn eigen verzoek.

Wel bepaalde de rechter dat, als de chauffeur zijn eigen ontbindingsverzoek zou intrekken en het tegenverzoek van het transportbedrijf zou worden toegewezen, alsnog een transitievergoeding betaald moet worden. Die werd vastgesteld op ruim 7.700 euro bruto.

spot_img

Transportrisico

Van der Lee

Hankook Tyres

MEER NIEUWS

Transportrisico

Van der Lee

Hankook Tyres