DEN HAAG – Het kabinet heeft het subsidiebudget voor private laadinfrastructuur bij bedrijven met 35 miljoen euro verhoogd. Het extra geld wordt betaald uit de opbrengsten van de vrachtwagenheffing en is bedoeld voor de aanleg van laadvoorzieningen en investeringen in stationaire batterijen. Dat schrijft staatssecretaris Annet Bertram van Infrastructuur en Waterstaat in een Kamerbrief van 21 september over duurzaam vervoer.
De Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij bedrijven (SPriLa) werd op 20 januari 2026 opengesteld met een budget van 87,5 miljoen euro. Volgens de staatssecretaris bleek de belangstelling vanaf het begin groot. Bij ongeveer twee derde van de aanvragers maakt een stationaire batterij deel uit van de geplande laadinfrastructuur.
Het subsidiebudget voor deze batterijen raakte daardoor uitgeput. In juni werd de verhoging met 35 miljoen euro gepubliceerd, waarmee opnieuw middelen beschikbaar kwamen voor zowel laadvoorzieningen als stationaire batterijen. Bedrijven kunnen tot en met 18 december 2026 een aanvraag indienen.
Geen MIA en VAMIL meer voor voertuigen op bio-LNG
In dezelfde Kamerbrief meldt de staatssecretaris dat voertuigen die op bio-LNG rijden sinds 1 januari 2026 niet meer in aanmerking kunnen komen voor de milieu-investeringsaftrek (MIA) en de willekeurige afschrijving milieu-investeringen (VAMIL).
Volgens het ministerie laten de Europese staatssteunkaders vanaf die datum alleen nog steun toe voor lichte en zware voertuigen die als emissievrij worden aangemerkt. Voertuigen op bio-LNG vallen onder de definitie van schone voertuigen, maar niet onder die van emissievrije voertuigen.
Bij deze beoordeling wordt gekeken naar het voertuig en de aandrijflijn. Het maakt daarbij geen verschil of een voertuig reguliere LNG of bio-LNG gebruikt. Het ministerie wijst erop dat bio-LNG daarnaast via de brandstoftransitieverplichting wordt gestimuleerd.
Nederland wil Europees basisnetwerk voor alternatieve brandstoffen behouden
Ook gaat de Kamerbrief in op de voorgenomen herziening van de Europese verordening voor infrastructuur voor alternatieve brandstoffen, de Alternative Fuels Infrastructure Regulation (AFIR). De Europese Commissie heeft aangekondigd in het vierde kwartaal van 2026 met een herzieningsvoorstel te komen.
Nederland heeft voorafgaand daaraan een standpunt ingediend waarin wordt gepleit voor behoud van de oorspronkelijke AFIR-doelstellingen. Daarmee wil het kabinet een dekkend Europees basisnetwerk voor alternatieve brandstoffen en laadvoorzieningen waarborgen. Volgens de Kamerbrief is dat onder meer van belang voor bedrijven die hun voertuigen ook over de grens betrouwbaar willen kunnen inzetten.
Daarnaast zet Nederland in op transparantere laadprijzen, bredere toepassing van walstroom en mogelijke doelstellingen voor emissievrije luchtvaart. Ook vraagt het kabinet aandacht voor standaarden die de samenwerking tussen mobiliteits- en energiesystemen bevorderen.
Vrijstelling voor oldtimers in zero-emissiezones na 2030 nog in voorbereiding
De staatssecretaris gaat verder in op de positie van historische voertuigen binnen het milieubeleid. Oldtimers, waarvoor in dit verband de fiscale definitie van 40 jaar of ouder wordt gehanteerd, hebben een structurele vrijstelling voor milieuzones.
Voor zero-emissiezones geldt momenteel een vrijstelling tot 2030. Het ministerie werkt aan de regeling die vanaf dat jaar moet gelden. De Tweede Kamer wordt daarover afzonderlijk geïnformeerd in een monitoringsbrief over de zero-emissiezones.
Het ministerie noemt daarnaast het gebruik van biobrandstoffen, zoals 100 procent HVO, en de verdere ontwikkeling van synthetische brandstoffen als mogelijke manieren om historisch mobiel erfgoed te verduurzamen wanneer elektrificatie geen optie is.
Inruilregeling voor tweedehands elektrische personenauto’s
Naast de maatregelen voor bedrijven werkt het kabinet aan een inkomensafhankelijke inruilregeling voor particulieren. Huishoudens die een daarvoor geschikte oudere auto op fossiele brandstof laten demonteren, moeten een eenmalige bijdrage kunnen krijgen voor de aanschaf van een tweedehands elektrische personenauto.
De bijdrage kan volgens de Kamerbrief ook worden gebruikt als maandelijkse korting op het leasebedrag van een tweedehands elektrische auto.
Het ministerie wil de regeling eind september ter consultatie aanbieden en streeft ernaar deze zo snel mogelijk open te stellen, bij voorkeur in het laatste kwartaal van 2026. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) zal de regeling uitvoeren in samenwerking met de Belastingdienst en de RDW.






