DEN HAAG – De aanpassingen die het kabinet wil doorvoeren aan een wetsvoorstel voor de vermogensbelasting in box 3, zijn volgens de Raad van State niet verantwoord. De hoge wetgevingsadviseur verwijst in een advies naar de Belastingdienst, die de aanpassingen in elk geval voor 2028 onuitvoerbaar vindt. De discussie over het vinden van geld voor de aanpassingen leidt tot “onduidelijkheid en onrust”.
Met een wet die nu in de Eerste Kamer ligt, zou belasting grotendeels geheven worden op waardestijgingen van bezittingen, ook als iemand die nog niet heeft geïnd. Het kabinet wil dat vanaf 2028 grotendeels aanpassen naar een belasting op vermogenswinst, om in 2030 helemaal op een vermogenswinstbelasting over te stappen.
De Belastingdienst heeft het al erg druk en het kabinet wil ook nog eens op de dienst bezuinigen, merkt de Raad van State op. Om dan voor twee jaar een nieuw en ingewikkeld systeem in te voeren, trekt een “zware wissel” op de fiscus.
Het kabinet kan beter de hele wet intrekken en in een keer een heel nieuw voorstel voor 2030 schrijven, vindt de Raad van State. “Hiermee wordt de rust en duidelijkheid geboden die nodig is.”
De aanpassingen zijn met veel haast opgetuigd. Ook daar is de Raad van State kritisch op. Om de plannen niet via een echte wet maar via een zogeheten novelle te regelen, “doet afbreuk aan de zorgvuldigheid van het wetgevingsproces”.
Hoe de aanpassingen moeten worden betaald, is nog steeds niet duidelijk. Het kabinet heeft er tot afgelopen weekend nog over overlegd met oppositiepartijen. De Raad van State noemt het kabinetsvoorstel dan ook “incompleet”.
Woensdag debatteert de Tweede Kamer over het belastingplan. Dat gaat niet direct over het wetsvoorstel om box 3 te hervormen, maar het budget daarvoor zal wel ter sprake komen.
Banken kunnen in 2028 en mogelijk ook in 2029 niet de gegevens aanleveren die nodig zijn om te bepalen hoeveel winst mensen hebben gemaakt met beleggingen. Dat geeft de Belastingdienst problemen met handhaving, en zorgt er bovendien voor dat burgers meer gegevens zelf moeten invullen.
Het kabinet zegt via het ministerie van Financiën dat de Raad van State “aandachtspunten” ziet. “U kunt ervan uit gaan dat we dit serieus nemen.” Bewindspersonen gaan nog in gesprek met banken.







