ZOETERMEER – Bij het plannen van werkzaamheden aan bruggen en sluizen moet niet alleen worden gekeken naar de hinder voor de scheepvaart, maar ook naar de gevolgen voor de volledige goederenketen. Daarvoor pleit ondernemersvereniging evofenedex tijdens een rondetafelgesprek over hindermanagement bij waterbouwprojecten in de Tweede Kamer op donderdag 24 september. Volgens de vereniging kan een stremming op een vaarweg uiteindelijk leiden tot een productiestop bij een fabriek.
Ricky Voorn, beleidsadviseur binnenvaart bij evofenedex, levert donderdag een bijdrage aan het rondetafelgesprek van de vaste Kamercommissie voor Infrastructuur en Waterstaat. Hij benadrukt dat goed hindermanagement verder moet gaan dan het beperken van de overlast bij een afzonderlijk project.
“Hindermanagement is wat ons betreft pas geslaagd als goederen hun bestemming bereiken. Het liefst via het water”, aldus Voorn.
Stremming raakt de hele goederenketen
Via de binnenvaart worden dagelijks grondstoffen aangevoerd voor de industrie en producten vervoerd naar klanten in binnen- en buitenland.
Volgens evofenedex hebben bedrijven veel begrip voor de noodzaak van onderhoud aan bruggen en sluizen. Voor verladers, de bedrijven die opdracht geven om goederen over water te vervoeren, is het tijdens werkzaamheden echter vooral van belang dat de aanvoer van grondstoffen en de levering van producten kunnen doorgaan.
“Voor verladers bestaat een probleem op het water niet los van de rest van de keten. Wat een stremming voor een schip is, kan een productiestop voor een fabriek betekenen”, zegt Voorn.
Laagwater en werkzaamheden kunnen problemen versterken
De grootste economische schade ontstaat volgens evofenedex wanneer verschillende verstoringen tegelijkertijd optreden. De vereniging wijst daarbij op de afgelopen zomer, toen laagwater en beperkingen op vaarwegen elkaar versterkten.
Bij laagwater kunnen binnenvaartschepen minder lading meenemen. Wanneer tegelijkertijd een omvaarroute beperkt beschikbaar is door werkzaamheden of een storing aan een sluis, kunnen de gevolgen voor de goederenstromen verder oplopen.
Grondstoffen bereiken fabrieken dan later en leveringen aan klanten lopen vertraging op. In het uiterste geval kan een fabriek hierdoor tijdelijk moeten worden stilgelegd.
Evofenedex pleit daarom voor een corridorgerichte aanpak, waarbij werkzaamheden aan verschillende onderdelen van een vaarroute en de beschikbaarheid van omvaarroutes in samenhang worden gepland en beoordeeld.
Verladers eerder betrekken bij grote projecten
De ondernemersvereniging vraagt de Tweede Kamer daarnaast om verladers eerder te betrekken bij de voorbereiding van grote waterbouwprojecten.
Volgens evofenedex weten deze bedrijven welke goederenstromen van groot belang zijn en op welke momenten een stremming bijzonder ingrijpende gevolgen kan hebben voor de productie en levering van goederen.
“Door verladers eerder te betrekken kan veel economische schade worden voorkomen”, stelt Voorn.






