ARNHEM – Alle 32 verdachten die betrokken zouden zijn geweest bij het schietincident in Overasselt blijven veertien dagen langer vastzitten. Dat heeft de rechter-commissaris vrijdag beslist. Bij het schietincident op 1 september kwam een 51-jarige man uit Wijchen om het leven en raakten twee politieagenten gewond.
Bij het schietincident in Overasselt waren veel personen betrokken. De politie hield uiteindelijk in totaal 34 verdachten aan.
Het gaat om 16 Fransen, 11 Nederlanders, 2 Algerijnen, 1 Libiër, 1 Oekraïner en 1 Belg. Onder de verdachten bevinden zich twee minderjarigen (van 16 en 17 jaar), beiden met de Franse nationaliteit. De overige verdachten variëren in leeftijd tussen de 18 en 32 jaar.
Vrijdag werden 32 van hen voorgeleid aan de rechter-commissaris. Die besloot dat alle 32 verdachten veertien dagen langer vast blijven zitten.
Een voorgeleiding bij de rechter-commissaris is niet openbaar. De rechtbank doet daarom geen verdere mededelingen over de precieze afwegingen en motivering van de beslissingen van de rechter-commissaris in deze zaak.
Voorlopige hechtenis
In Nederland geldt als uitgangspunt dat een verdachte zijn strafzaak in vrijheid mag afwachten. De rechter-commissaris beoordeelt of een verdachte na zijn aanhouding en inverzekeringstelling langer in voorlopige hechtenis moet blijven.
Daarbij wordt onder meer gekeken naar de aard en ernst van de verdenking, het belang van het onderzoek, vluchtgevaar en de kans op herhaling.
Wanneer een schorsing van de voorlopige hechtenis aan de orde is, weegt de rechter-commissaris het persoonlijke belang van de verdachte af tegen het strafvorderlijke en maatschappelijke belang.
Raadkamer kan verdachten maximaal 90 dagen langer vasthouden
Met de beslissing om de 32 verdachten nog veertien dagen vast te houden, begint de periode die voorlopige hechtenis wordt genoemd.
Als de officier van justitie de verdachten daarna nog langer wil vasthouden, moet daarvoor een vordering worden ingediend bij de raadkamer van de rechtbank.
De raadkamer bestaat uit drie rechters die gezamenlijk beslissen over het voortduren van de voorlopige hechtenis. Zij kunnen een zogenoemd bevel tot gevangenhouding geven voor maximaal negentig dagen.
Binnen die periode van negentig dagen moet de zaak voor het eerst bij de strafrechter van de rechtbank komen.







