UTRECHT – De 69-jarige man die half april in zijn rolstoel in Utrecht in brand werd gestoken, liep daarbij over 20 procent van zijn lichaam derdegraads brandwonden op. Dat bleek dinsdag tijdens een eerste voorbereidende zitting tegen twee verdachten in de rechtbank in Utrecht. Er was daardoor sprake van “levensgevaar”, zei de rechtbank. Die sprak van een “heftige en trieste zaak”.
Verdachten Jan G. (55) en Andrzej K. (37) waren niet aanwezig. Ook het slachtoffer woonde de zitting niet bij. De mannen zouden op 14 april hebben rondgehangen bij een supermarkt aan het Smaragdplein in de hoop geld of boodschappen te krijgen van winkelend publiek, vertelde de rechtbank. Een getuige had gezien dat er ruzie was ontstaan in het groepje, waarover is onduidelijk.
Op beelden is vervolgens te zien dat een van de mannen de winkel ingaat, naar buiten komt met een fles spiritus en die leeggiet in de nek van het slachtoffer. Ook wordt er iets naar hem gegooid, mogelijk een brandende sigaret. Daarna vertrokken de mannen.
Omstanders
Toen ze na een aantal minuten terugkeerden, stak een van hen een folder aan en gooide die op de man in de rolstoel. Die vloog daarop in brand. Omstanders haalden hem uit zijn stoel en het vuur werd geblust met kledingstukken en water uit de supermarkt.
Het slachtoffer is na het incident overgebracht naar een brandwondencentrum. Inmiddels revalideert hij thuis, vertelde zijn advocaat. “Brandwonden zijn heel pijnlijk, dat voel je 24 uur per dag”, zei ze. “Het gaat wisselend.”
De verdachten zullen worden geobserveerd in het Pieter Baan Centrum (PBC). De volgende voorbereidende zitting staat gepland op 13 oktober. Tot die tijd blijven de mannen vastzitten. De rechtbank verwacht de zaak op zijn vroegst begin volgend jaar inhoudelijk te behandelen.







