DEN HAAG – De werkloosheid in Nederland is in maart 2026 licht gedaald. Volgens nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek kwam het werkloosheidspercentage uit op 4,0 procent van de beroepsbevolking, tegen 4,1 procent in februari.
In totaal waren er in maart 407 duizend werklozen. Over de afgelopen drie maanden nam het aantal werklozen af met gemiddeld duizend per maand, terwijl het aantal mensen met betaald werk juist met gemiddeld drieduizend per maand toenam.
Aantal WW-uitkeringen daalt
Ook het aantal WW-uitkeringen liet een daling zien. Het UWV registreerde eind maart 202 duizend lopende uitkeringen, een afname van 1,6 procent ten opzichte van februari. In maart kwamen er 21,7 duizend nieuwe uitkeringen bij, terwijl 25 duizend uitkeringen werden beëindigd.
Het aantal WW-uitkeringen daalde in vrijwel alle arbeidsmarktregio’s. Alleen in Zuid-Limburg, Drechtsteden en Helmond-De Peel was sprake van een lichte stijging. De sterkste daling werd gemeten in de regio’s Food Valley, Drenthe en Zeeland.
Meer mensen aan het werk
De lichte daling van de werkloosheid komt doordat meer werklozen een baan vonden dan er nieuwe werklozen bijkwamen. In de afgelopen drie maanden vonden 152 duizend werklozen werk. Daarnaast stopten 105 duizend mensen met het zoeken naar werk, waardoor zij niet langer tot de beroepsbevolking worden gerekend.
Tegelijkertijd verloren 124 duizend werkenden hun baan en gingen 129 duizend mensen vanuit de niet-beroepsbevolking op zoek naar werk. Per saldo was de uitstroom uit de werkloosheid daarmee iets groter dan de instroom.
Arbeidsmarkt stabiel
De totale beroepsbevolking kwam in maart uit op 10,3 miljoen mensen. Daarnaast zijn er circa 3,2 miljoen mensen die niet tot de beroepsbevolking behoren, bijvoorbeeld vanwege pensioen, ziekte of arbeidsongeschiktheid. Dit aantal bleef de afgelopen maanden vrijwel stabiel.
De cijfers worden maandelijks gepubliceerd volgens de internationale richtlijnen van de International Labour Organization (ILO) en geven een beeld van de actuele ontwikkelingen op de arbeidsmarkt.




