MINNEAPOLIS – Ruim zevenhonderd medewerkers van de federale immigratiediensten worden teruggehaald uit Minneapolis en het aangrenzende St. Paul. Dat meldt Tom Homan, die door president Donald Trump naar de staat Minnesota werd gestuurd om toe te zien op de immigratiedienst ICE en de grenspolitie aldaar.
De inzet van de diensten in Minnesota leidde tot veel ophef, onder meer omdat agenten van ICE en de grenspolitie in twee losstaande incidenten kort na elkaar een burger doodschoten. Dat leidde tot nog grotere protesten tegen de diensten, die volgens tegenstanders bezig zijn met willekeurige campagnes gericht tegen vermeende illegale migranten.
Volgens CBS News waren zo’n 3000 agenten van de immigratiediensten actief in Minneapolis, vijf keer meer dan de stad zelf aan agenten heeft. Zij zouden meer dan 3000 arrestaties hebben verricht. Volgens Homan worden nu honderden agenten “per direct” teruggetrokken. Zo’n 2000 agenten blijven achter, aldus Homan.
Voorwaarde
In de nasleep van de dood van Renée Good en Alex Pretti zwol de kritiek op het handelen van de diensten aan. In reactie daarop haalde Trump ICE-commandant Gregory Bovino terug en stuurde hij Tom Homan. Die zei “orde op zaken” te komen stellen.
In een persconferentie rond zijn komst zei Homan eind januari de samenwerking te willen opzoeken met lokale autoriteiten en specifiek lokale gevangenissen. Die samenwerking was wat hem betreft voorwaarde voor het afschalen van de aanwezigheid van ICE en de grenspolitie in Minnesota.



