DEN HAAG – De gemeente Dordrecht ziet af van de eerder geplande zero-emissiezone. Ook Ede en Zaanstad wijzigen hun plannen en voeren deze coalitieperiode geen zero-emissiezone in. Almere wil nog maar één van de drie eerder aangekondigde zones realiseren. Dat blijkt uit de negende monitoringsbrief over zero-emissiezones, die woensdag 14 oktober door staatssecretaris Annet Bertram van Infrastructuur en Waterstaat naar de Tweede Kamer is gestuurd.
Na de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026 zijn in veel gemeenten nieuwe coalities gevormd.
Volgens de staatssecretaris houden de meeste gemeenten die al een zero-emissiezone hebben of er voor 2030 een willen invoeren vast aan hun plannen.
Een aantal gemeenten wijkt daar echter van af.
Dordrecht ziet af van invoering
Dordrecht heeft besloten de eerder aangekondigde zero-emissiezone niet meer in te voeren.
De gemeente was oorspronkelijk van plan om de zone in 2026 in te stellen.
Met het nieuwe besluit vervallen die plannen.
Ede en Zaanstad stellen invoering uit
Ook Ede en Zaanstad passen hun plannen aan.
Beide gemeenten waren voornemens om op 1 januari 2030 een zero-emissiezone in te voeren.
In de nieuwe gemeentelijke coalitieakkoorden is echter aangegeven dat dit tijdens de huidige coalitieperiode niet zal gebeuren.
Daarmee is de invoering in deze gemeenten voorlopig van de baan, zonder dat in de Kamerbrief wordt gesproken over een definitieve beëindiging van de plannen.
Almere beperkt aantal zones
In Almere worden de oorspronkelijke plannen eveneens aangepast.
De gemeente had eerder drie zero-emissiezones aangekondigd.
De nieuwe coalitie wil daarvan nog één zone invoeren, met als geplande ingangsdatum 1 januari 2028.
Welke gevolgen dit heeft voor de twee andere eerder aangekondigde zones, wordt in de Kamerbrief niet verder toegelicht.
Andere gemeenten overwegen juist invoering
Tegenover de gemeenten die hun plannen aanpassen, staan ook gemeenten die de invoering van een zero-emissiezone overwegen.
Volgens de Kamerbrief gaat het daarbij om Leeuwarden, Wageningen en Hengelo.
Voor deze gemeenten worden in de brief nog geen definitieve besluiten of invoeringsdata genoemd.
Den Haag wil afwijkende toegangsregels
Ook Den Haag kiest een afwijkende koers.
De gemeente wil de bestaande zero-emissiezone ‘pauzeren’ door voertuigen met emissieklasse 6 tot en met 2035 toegang te blijven geven.
De landelijke overgangsregelingen zijn echter vastgelegd in het RVV 1990.
Staatssecretaris Bertram is daarom met Den Haag in gesprek over het voornemen.
Landelijke afstemming blijft uitgangspunt
Tijdens bestuurlijke overleggen op 21 september benadrukten gemeenten, brancheorganisaties en belangenorganisaties het belang van uniforme toegangsregels.
Volgens de staatssecretaris verliepen deze overleggen constructief en blijft het streven om de invoering en uitvoering van zero-emissiezones zoveel mogelijk op elkaar af te stemmen.
De gewijzigde gemeentelijke plannen laten zien dat de verdere invoering van zero-emissiezones niet overal volgens het oorspronkelijke tijdpad verloopt.




