DEN HAAG – Een Kamermeerderheid wil dat het kabinet een verruiming van de hypotheekrenteaftrek voorkomt. Onder meer de regeringspartijen D66 en CDA stemden in met een motie van die strekking van GroenLinks-PvdA. Coalitiepartner VVD was tegen het voorstel.
Aan de formatietafel is afgesproken dat er niets zou veranderen aan de hypotheekrenteaftrek. Dat was een vurige wens van de VVD. In de verkiezingscampagne pleitten D66 en CDA juist voor een verdere afbouw.
Na doorrekening van de coalitieplannen bleek dat mensen met een eigen koopwoning in de praktijk iets meer hypotheekrente kunnen aftrekken van hun belastbaar inkomen. Dat komt doordat het tarief in de tweede schijf van de inkomstenbelasting, waar de hypotheekrenteaftrek aan is gekoppeld, iets wordt verhoogd.
D66 en CDA maakten al eerder duidelijk dat zij deze ‘bijwerking’ van de belastingplannen niet wenselijk vinden, net als de linkse oppositie. Tweede Kamerlid Luc Stultiens van GroenLinks-PvdA stelde in het debat over de voorjaarsnota voor de verruiming “ongedaan te maken”, en kreeg daarvoor dus steun.
Stultiens oppert twee mogelijkheden om de verruiming van de hypotheekrenteaftrek met 281 miljoen euro te voorkomen. Dat kan door het maximale aftrekpercentage te verlagen, of door een lichte verhoging van het eigenwoningforfait. Dat is een percentage van de woningwaarde dat bij het belastbaar inkomen van huizenbezitters wordt opgeteld.
VVD-fractievoorzitter Ruben Brekelmans zegt dat hij zijn coalitiepartners aan het regeerakkoord houdt. Daarin staat volgens hem heel duidelijk dat aan “de systematiek” van de hypotheekrenteaftrek niets wordt veranderd. De koppeling aan het tarief in de tweede schijf is er al “sinds jaar en dag”, zegt hij. Daardoor fluctueert het maximale aftrekpercentage ook van jaar tot jaar.
“Er is geen verruiming”, zo herhaalt Brekelmans de uitleg die zijn partij ook in het debat over de voorjaarsnota al gaf. Hij laat het verder aan het kabinet of en zo ja hoe de motie wordt uitgevoerd. Maar: “Afspraak is afspraak”.





