BRUSSEL – In de transport- en opslagsector in de Europese Unie zijn in 2024 in totaal 537 mensen om het leven gekomen door een arbeidsongeval. Daarmee telde de sector na de bouw het hoogste aantal dodelijke arbeidsongevallen van alle economische sectoren in de EU. In totaal kwamen in 2024 in de Europese Unie 3.367 mensen om het leven door een ongeval tijdens het werk, blijkt uit vrijdag gepubliceerde cijfers van Eurostat.
Het totale aantal dodelijke arbeidsongevallen steeg ten opzichte van 2023 met 1,4 procent. Dat komt neer op 45 extra sterfgevallen.
Naast de 3.367 dodelijke ongevallen registreerde Eurostat in 2024 in totaal 2,78 miljoen niet-dodelijke arbeidsongevallen. Dat waren er 43.742 minder dan een jaar eerder, een daling van 1,5 procent.
Transport en opslag tweede na bouw
Van alle economische sectoren telde de bouw in 2024 verreweg de meeste dodelijke arbeidsongevallen. In deze sector kwamen 776 mensen om het leven.
Dat waren er wel minder dan in 2023, toen 802 dodelijke arbeidsongevallen in de bouw werden geregistreerd. Dat was destijds het hoogste aantal in deze sector in tien jaar tijd.
De sector transport en opslag stond in 2024 met 537 dodelijke arbeidsongevallen op de tweede plaats. Daarna volgde de industrie, waar 466 mensen als gevolg van een arbeidsongeval overleden.
Meer dan half miljoen ongevallen in industrie
Bij de niet-dodelijke arbeidsongevallen registreerde de industrie het hoogste aantal. In 2024 ging het om 509.851 gevallen. Afgezien van coronajaar 2020, toen 498.060 ongevallen werden geregistreerd, was dat het laagste aantal in deze sector in tien jaar tijd.
De bouw volgde met 352.520 niet-dodelijke arbeidsongevallen. In de groot- en detailhandel en de reparatie van motorvoertuigen en motorfietsen werden 345.282 gevallen geregistreerd.
Minimaal vier dagen niet kunnen werken
Eurostat definieert een arbeidsongeval als een gebeurtenis tijdens het werk die lichamelijke of geestelijke schade veroorzaakt. Een ongeval wordt als dodelijk geregistreerd wanneer het slachtoffer binnen een jaar na het ongeval als gevolg daarvan overlijdt.
Bij een niet-dodelijk arbeidsongeval gaat het in deze statistieken om een ongeval waardoor iemand minimaal vier volledige kalenderdagen niet kan werken. Deze ongevallen worden daarom ook wel ernstige arbeidsongevallen genoemd.
Eurostat benadrukt dat het om absolute aantallen per economische sector gaat. De cijfers laten daarmee vooral zien hoe de arbeidsongevallen over de verschillende sectoren zijn verdeeld. Ze kunnen niet rechtstreeks worden gebruikt om vast te stellen in welke sector het risico op een arbeidsongeval het grootst is, omdat daarbij ook rekening moet worden gehouden met de omvang van iedere sector.






