UTRECHT – De minister van Asiel en Migratie mag drie asielzoekers op dit moment niet terugsturen naar Italië. Dat hebben bestuursrechters van de vreemdelingenkamer in Utrecht in drie afzonderlijke uitspraken bepaald. Volgens de rechtbank lopen de asielzoekers bij terugkeer naar Italië het risico dat niet in hun belangrijkste basisbehoeften wordt voorzien. Daarmee zouden hun grondrechten worden geschonden. De minister moet hun asielaanvragen opnieuw beoordelen.
Iedere lidstaat van de Europese Unie is ervoor verantwoordelijk dat niemand het risico loopt op een onmenselijke of vernederende behandeling. Voor asielzoekers betekent dit onder meer dat zij toegang moeten hebben tot basisvoorzieningen zoals onderdak, voedsel en stromend water.
Wanneer een EU-lidstaat een asielzoeker overdraagt aan een andere lidstaat, moet erop kunnen worden vertrouwd dat deze grondrechten daar worden gewaarborgd.
Problemen met Italiaanse asielopvang
Italië liet in 2022 weten geen asielzoekers uit andere EU-lidstaten meer te kunnen overnemen vanwege grote problemen in de Italiaanse asielopvang. Ook uit andere berichtgeving van de Italiaanse autoriteiten bleek dat er onvoldoende opvang beschikbaar was voor overgedragen asielzoekers.
De Raad van State oordeelde daarom in 2023 dat asielzoekers bij terugkeer naar Italië het risico liepen dat niet in hun basisbehoeften zou worden voorzien. Als gevolg daarvan mochten deze asielzoekers niet langer naar Italië worden teruggestuurd.
De rechtbank in Utrecht moest nu beoordelen of de situatie inmiddels voldoende is veranderd om overdrachten aan Italië weer mogelijk te maken.
Nieuw Asiel- en Migratiepact verandert grondrechten niet
Aanleiding voor de nieuwe beoordeling is dat Italië heeft aangegeven het Europese Asiel- en Migratiepact te zullen uitvoeren. Het land heeft bovendien toegezegd mee te werken aan de terugkeer van asielzoekers onder de nieuwe Europese regels.
Volgens de rechtbank betekent deze toezegging echter niet automatisch dat de problemen in de Italiaanse asielopvang zijn opgelost.
De rechters benadrukken dat het recht op opvang en basisvoorzieningen ook onder het nieuwe Asiel- en Migratiepact blijft gelden. Op dat punt zijn de regels niet veranderd.
Hoewel de Italiaanse regering heeft uitgesproken de afspraken uit het pact te zullen nakomen, is daarmee volgens de rechtbank nog niet aangetoond dat Italië daadwerkelijk in staat is om overgedragen asielzoekers op te vangen.
Geen bewijs dat opvangproblemen zijn opgelost
De minister van Asiel en Migratie heeft volgens de rechtbank geen informatie verstrekt waaruit blijkt dat de problemen in de Italiaanse asielopvang inmiddels zijn veranderd of opgelost.
Zo zijn er geen opvangplaatsen gereserveerd voor asielzoekers die vanuit andere EU-lidstaten worden teruggestuurd. Daarnaast lijkt nog altijd sprake te zijn van structurele problemen binnen het Italiaanse opvangsysteem.
Ook de Europese Commissie heeft vastgesteld dat er nog steeds problemen bestaan bij de overdracht van asielzoekers aan Italië.
De minister is er volgens de rechtbank dan ook niet in geslaagd aannemelijk te maken dat asielzoekers na terugkeer naar Italië daadwerkelijk toegang krijgen tot onderdak, voedsel en stromend water.
Minister moet asielaanvragen opnieuw beoordelen
De rechtbank concludeert dat het terugsturen van de drie asielzoekers naar Italië op dit moment in strijd is met hun grondrechten. Daarmee zouden de overdrachten ook in strijd zijn met de regels die zijn opgenomen in het nieuwe Asiel- en Migratiepact.
De beroepen van de drie asielzoekers zijn daarom gegrond verklaard. Dit betekent dat de minister van Asiel en Migratie hun asielaanvragen opnieuw moet beoordelen.
Met de drie uitspraken sluit de vreemdelingenkamer in Utrecht zich aan bij een eerdere uitspraak van de vreemdelingenkamer in Den Bosch, die eveneens oordeelde dat een asielzoeker niet aan Italië mocht worden overgedragen.






