ASSEN – De rechtbank Noord-Nederland heeft drie mannen veroordeeld tot een gevangenisstraf van 47 maanden voor hun betrokkenheid bij de kunstroof in het Drents Museum in Assen.
De verdachten maakten zich op 25 januari 2025 schuldig aan de diefstal van de gouden helm van Coțofenești en drie gouden armbanden uit het museum. Daarnaast veroorzaakten zij een ontploffing en brachten zij schade toe aan het Drents Museum. Twee van de drie verdachten stalen bovendien in de voorbereiding op de roof een auto.
Uit uitgebreid politieonderzoek bleek volgens de rechtbank dat alle drie de mannen een wezenlijke rol hebben gespeeld bij zowel de voorbereiding als de uitvoering van de kunstroof. De samenwerking tussen de verdachten kwam daarnaast naar voren uit verklaringen die werden afgelegd tijdens een undercovertraject.
Procesafspraken
Met twee van de verdachten werden procesafspraken gemaakt met het Openbaar Ministerie. Volgens de rechtbank was het belangrijkste doel van deze overeenkomsten het terugkrijgen van de gestolen kunstobjecten.
De rechtbank stelt dat deze procesafspraken, ondanks dat ze afwijken van afspraken in andere strafzaken, voldoen aan de geldende eisen. Volgens de rechters doen de afspraken geen afbreuk aan het recht op een eerlijk proces en mochten zij daarom worden meegenomen in het uiteindelijke oordeel.
Vormverzuimen bij opsporing
De rechtbank oordeelde ook dat het Openbaar Ministerie fouten heeft gemaakt tijdens het opsporingsonderzoek. Zo werden foto’s en volledige namen van twee verdachten in de media getoond, terwijl minder ingrijpende middelen mogelijk waren geweest. Daarmee is volgens de rechtbank inbreuk gemaakt op hun persoonlijke levenssfeer.
Daarnaast hield de politie de twee verdachten voor dat zij moesten meewerken aan het onderzoek of anders moesten accepteren dat een nieuwsitem met hun foto’s en volledige namen zou worden uitgezonden. Volgens de rechtbank is daarmee sprake van schending van het pressieverbod, omdat hierdoor de indruk kon ontstaan dat verklaringen niet volledig in vrijheid werden afgelegd.
Deze vormverzuimen hebben geleid tot strafvermindering.
Kunstschatten van “onschatbare waarde”
De rechtbank benadrukte in het vonnis dat de gestolen kunstschatten deel uitmaken van het Roemeense erfgoed en van groot belang zijn voor huidige en toekomstige generaties. De verzekeringswaarde van de objecten bedraagt 5,7 miljoen euro.
Volgens de rechtbank vertegenwoordigen de voorwerpen echter een waarde die niet in geld is uit te drukken en zijn zij letterlijk “van onschatbare waarde”.
Bij het bepalen van de straf hield de rechtbank rekening met de professionele werkwijze van de verdachten, de omvang van de schade en het feit dat één van de drie gestolen armbanden nog altijd niet is teruggevonden.
Ook werd gekeken naar de leeftijd en het blanco strafblad van één van de verdachten en naar de strafvermindering vanwege de gemaakte vormfouten.
De rechtbank besloot daarnaast dat alle drie de verdachten moesten profiteren van de teruggave van de kunstschatten en paste daarom een strafkorting van een derde toe. Mede vanwege de proceseconomische voordelen van de procesafspraken kregen uiteindelijk alle drie de verdachten een gevangenisstraf van 47 maanden opgelegd.




