BRUSSEL – De internationale wegtransportorganisatie IRU roept de Europese Commissie op om gerichte steunmaatregelen te nemen voor transportbedrijven die zwaar worden getroffen door de sterk gestegen dieselprijzen. De prijsstijgingen, die verband houden met de crisis in het Midden-Oosten, zetten volgens de organisatie vooral kleine en middelgrote transportondernemingen financieel onder druk. Ook wil de IRU dat er strengere Europese regels komen om betalingsachterstanden in het wegvervoer tegen te gaan.
De IRU heeft hierover een brief gestuurd aan voorzitter Ursula von der Leyen van de Europese Commissie. Daarin vraagt de organisatie om concrete maatregelen die de financiële positie van vervoerders verbeteren en de continuïteit van het goederen- en personenvervoer waarborgen.
De oproep komt op een moment waarop in verschillende Europese landen transportondernemers incidenteel protesteren en spontaan wegen blokkeren vanwege de hoge kosten.
De IRU en haar nationale aangesloten brancheorganisaties benadrukken dat zij deze protestacties en blokkades niet steunen. Zij willen via overleg en constructieve samenwerking tot oplossingen komen, zodat logistieke ketens en het personenvervoer kunnen blijven functioneren.
6,8 miljard liter diesel per maand
Volgens de IRU verbruiken vrachtwagens, lijnbussen en touringcars in de Europese Unie gezamenlijk ongeveer 6,8 miljard liter diesel per maand.
Brandstof vertegenwoordigt gemiddeld ongeveer 30 procent van de operationele kosten van transportbedrijven. Tegelijkertijd werken veel ondernemingen met winstmarges van slechts 1 tot 3 procent.
Hierdoor kunnen stijgende dieselprijzen grote gevolgen hebben voor de financiële positie van vervoerders.
“Vrachtwagens, bussen en touringcars in de EU gebruiken maandelijks ongeveer 6,8 miljard liter diesel. Met brandstofkosten die ongeveer 30 procent van de operationele kosten vertegenwoordigen en veel vervoerders die werken met marges van slechts 1 tot 3 procent, zetten prijsstijgingen bedrijven aanzienlijk onder druk”, zegt IRU-secretaris-generaal Habib Turki.
Vooral kleinere transportbedrijven kwetsbaar
Volgens Turki beschikken veel transportbedrijven niet over voldoende financiële reserves om de sterk stijgende brandstofkosten langdurig op te vangen.
Dat geldt vooral voor het midden- en kleinbedrijf, dat het overgrote deel van de transportsector vertegenwoordigt.
Naast de hoge dieselprijzen vormen ook betalingsachterstanden een groeiend probleem.
Wanneer opdrachtgevers hun facturen te laat betalen, moeten transportbedrijven de kosten voor brandstof, personeel en materieel ondertussen zelf blijven financieren.
Volgens de IRU tast dit de financiële weerbaarheid van ondernemingen verder aan.
“Veel bedrijven, vooral de overgrote meerderheid van de vervoerders die tot het midden- en kleinbedrijf behoren, hebben niet de financiële reserves om de sterk stijgende dieselprijzen op te vangen. Te late betalingen verzwakken hun financiële weerbaarheid verder”, aldus Turki.
Hij benadrukt dat gerichte Europese maatregelen transportbedrijven meer stabiliteit kunnen bieden, zodat zij hun dienstverlening kunnen voortzetten en kunnen blijven investeren.
Twee concrete eisen aan Europese Commissie
De IRU vraagt de Europese Commissie om twee specifieke maatregelen.
Allereerst wil de organisatie dat het tijdelijke staatssteunkader voor de crisis in het Midden-Oosten met één jaar wordt verlengd, tot en met 31 december 2027.
Daarbij moeten de bestaande bepalingen voor het wegvervoer behouden blijven.
Een verlenging zou lidstaten langer de mogelijkheid bieden om binnen het Europese kader gerichte steun te verlenen aan transportondernemingen die door de crisis financieel worden geraakt.
Daarnaast vraagt de IRU om een afzonderlijke Europese verordening voor betalingsachterstanden in het commerciële wegvervoer.
Daarin moet een maximale betalingstermijn van 30 dagen worden vastgelegd.
Volgens de organisatie is het daarbij essentieel dat de regels daadwerkelijk worden gehandhaafd, zodat transportbedrijven niet langdurig op hun geld hoeven te wachten.
Geen steun voor blokkades en protestacties
Hoewel de IRU begrip heeft voor de financiële druk waaronder transportondernemers staan, neemt de organisatie nadrukkelijk afstand van spontane blokkades en andere ontwrichtende protestacties.
Volgens de IRU kunnen dergelijke acties de logistieke ketens verstoren en de problemen voor bedrijven en hun klanten verder vergroten.
De organisatie kiest daarom voor overleg met Europese beleidsmakers en gerichte maatregelen die de onderliggende problemen aanpakken.
“Vervoerders hebben praktische oplossingen nodig, geen ontwrichting. Wij steunen geen protesten en blokkades”, zegt Turki.
“Wij roepen op tot constructieve dialoog en gerichte maatregelen die de druk op bedrijven aanpakken, de continuïteit van transportdiensten beschermen en de weerbaarheid van de sector versterken.”
Met de brief aan Von der Leyen hoopt de IRU dat de Europese Commissie snel stappen zet om de gevolgen van de hoge dieselprijzen en betalingsachterstanden voor het Europese wegvervoer te beperken.







