HomeTRANSPORTNIEUWSSpoorvervoerProRail waarschuwt voor veroudering spoor: risico op meer storingen en hogere onderhoudskosten
spot_imgspot_imgspot_imgspot_img

ProRail waarschuwt voor veroudering spoor: risico op meer storingen en hogere onderhoudskosten

UTRECHT – De Nederlandse spoorweginfrastructuur verkeert technisch nog in ruim voldoende staat, maar veroudert geleidelijk. Het tempo waarin onderdelen worden vervangen, ligt lager dan het tempo waarin de infrastructuur veroudert. ProRail waarschuwt dat onvoldoende financiering op termijn kan leiden tot meer storingen, hogere onderhoudskosten en extra hinder voor reizigers en goederenvervoerders.

Dat blijkt uit het rapport ‘Staat van de infrastructuur 2025’, waarin spoorbeheerder ProRail de technische staat van het Nederlandse spoorwegnet beoordeelt. Hoewel de infrastructuur momenteel nog veilig en betrouwbaar is, staat de ontwikkeling over meerdere jaren onder druk.

Volgens ProRail is het noodzakelijk dat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voldoende financiÃĢle middelen beschikbaar stelt om het afgesproken Basiskwaliteitsniveau Spoor (BKN) structureel te kunnen handhaven.

Meer storingen met grote gevolgen

In 2025 bleef de technische betrouwbaarheid van de spoorweginfrastructuur goed. Tegelijkertijd nam het aantal impactvolle storingen toe. Dat zijn storingen die aanzienlijke hinder veroorzaken voor reizigers en vervoerders.

ProRail benadrukt dat de technische betrouwbaarheid en het aantal impactvolle storingen niet hetzelfde meten. De gevolgen van een storing hangen onder meer af van de locatie, de drukte op het spoor en de tijd die nodig is om het probleem te verhelpen.

Technische storingen waren in 2025 verantwoordelijk voor 44 procent van alle geregistreerde storingen aan de spoorweginfrastructuur. Nog eens 43 procent werd veroorzaakt door externe factoren, zoals aanrijdingen, onbevoegden op het spoor en dieren.

Het aantal technische storingen binnen de zes onderzochte infrastructuursystemen daalde, na correctie voor extra veiligheidscontroles, met 4 procent ten opzichte van 2024.

Energievoorziening sterk verouderd

Vooral de energievoorziening van het spoor vormt volgens ProRail een belangrijke uitdaging. De levensduur van dit systeem wordt als ‘verouderd’ beoordeeld.

Het gaat onder meer om draagconstructies, bovenleidingen en voedingsinstallaties. Een aanzienlijk deel van deze onderdelen heeft de theoretische levensduur inmiddels bereikt of overschreden.

Dat betekent volgens ProRail niet automatisch dat de installaties onveilig zijn. Wel zijn omvangrijke vervangingsprogramma’s noodzakelijk om de betrouwbaarheid in de komende decennia te waarborgen.

De voorbereidingen voor een meerjarig programma voor de grootschalige vervanging van betonnen bovenleidingsportalen zijn inmiddels begonnen.

Betrouwbaarheid overwegen onvoldoende

Ook de staat van de overwegen vraagt aandacht. ProRail beoordeelt de betrouwbaarheid daarvan als ‘matig’.

In 2025 bleef 71 procent van de onderzochte overwegonderdelen storingsvrij. Bij 16 procent trad ÊÊn storing op en bij 13 procent waren er twee of meer storingen.

Over de afgelopen zeven jaar is de betrouwbaarheid van overwegen afgenomen. Steeds meer onderdelen krijgen te maken met storingen, terwijl sommige onderdelen meerdere keren uitvallen.

De problemen deden zich vooral voor in de overweginstallaties. Het ging onder meer om defecte relais, versleten koolborstels van overwegbomen en niet-functionerende schakelaars.

Ook de wissels krijgen vaker met technische problemen te maken. Hun betrouwbaarheid wordt als gemiddeld beoordeeld.

Meer spoorstaafbreuken

Het aantal spoorstaafbreuken steeg van 50 in 2024 naar 54 in 2025. Over de afgelopen zeven jaar is sprake van een licht stijgende trend.

Spoorstaafbreuken vormen een veiligheidsrisico omdat zij in het uiterste geval tot een ontsporing kunnen leiden.

Daarnaast registreerde ProRail in 2025 drie spoorspattingen, tegenover twee in 2024. Bij een spoorspatting vervormen spoorstaven door spanningen, bijvoorbeeld als gevolg van hoge temperaturen. Over een langere periode is het aantal spoorspattingen juist afgenomen.

In 2025 vonden op centraal bediend spoor geen ontsporingen plaats als gevolg van technische gebreken aan de infrastructuur.

Wel constateerde ProRail bij ongeveer 45 wissels problemen met onderdelen van de wisselsteller. Deze gebreken konden ertoe leiden dat een wisseltong tijdens een treinpassage in beweging kwam, met mogelijk een ontsporing tot gevolg. Er zijn herstelmaatregelen genomen.

Zorgen over stabiliteit spoordijken

ProRail besteedt in het rapport ook aandacht aan de stabiliteit van spoordijken. Veel van deze baanlichamen zijn meer dan honderd jaar oud.

In 2025 waren er onder meer zorgen over de spoorfundering bij Breukelen, Culemborg, Rilland en Hurdegaryp.

Om te onderzoeken of bestaande spoordijken geschikt zijn voor zwaardere, snellere en frequentere treinen, voert ProRail sinds 2019 een landelijk onderzoeksprogramma uit.

Inmiddels is voor ongeveer 90 procent van het Nederlandse spoorwegnet in kaart gebracht welke baanlichamen voldoende robuust zijn en waar bij groei van het treinverkeer mogelijk aanvullende maatregelen nodig zijn.

Bij Hurdegaryp in Friesland werden in 2025 grindkolommen aangebracht om de stabiliteit van de spoordijk te verbeteren. De resultaten worden gedurende een jaar gevolgd.

Ook de gevolgen van klimaatverandering, waaronder wateroverlast en droogte, worden bij het onderzoek betrokken.

Verbeteringen op goederencorridor Zee-Zevenaar

Voor het spoorgoederenvervoer meldt ProRail positieve ontwikkelingen op de corridor Zee-Zevenaar, die onder meer het Rotterdamse havengebied met het achterland verbindt.

De afgelopen jaren zijn daar grote onderhoudsachterstanden weggewerkt, belangrijke infrastructurele knelpunten opgelost en uitgestelde vernieuwingswerkzaamheden alsnog uitgevoerd.

Volgens ProRail hebben deze investeringen geleid tot aanzienlijk betere prestaties voor het goederenvervoer.

Het aantal storingen met grote gevolgen voor het treinverkeer is fors afgenomen. Ook het aantal vertragingsminuten door deze storingen en het aantal onverwachte buitendienststellingen laten een sterk dalende trend zien.

Het verbeterprogramma Zee-Zevenaar loopt tot eind 2026. Nieuwe onderhoudscontracten moeten bijdragen aan verdere verbetering van de infrastructuur.

Vervanging treinbeveiliging afhankelijk van ERTMS

Ook de treinbeveiligingssystemen worden ouder. ProRail probeert bestaande systemen zo lang mogelijk technisch in stand te houden, zodat vervanging kan samenvallen met de invoering van het Europese treinbeveiligingssysteem ERTMS.

Wanneer de invoering van ERTMS op bepaalde trajecten vertraging oploopt, kan het noodzakelijk worden om bestaande systemen alsnog grootschalig te vervangen door oudere technologie.

ProRail waarschuwt dat dit aanvullende investeringen kan vergen.

Financiering noodzakelijk om problemen te voorkomen

Volgens ProRail leidt het langer gebruiken van infrastructuuronderdelen niet onmiddellijk tot onveilige situaties. Wel worden oudere installaties onderhoudsgevoeliger en neemt de kans op verstoringen toe.

Als vervangingen langdurig worden uitgesteld, kunnen werkzaamheden in de toekomst bovendien ingrijpender en duurder worden.

De spoorbeheerder benadrukt dat het Basiskwaliteitsniveau Spoor het minimaal noodzakelijke financieringsniveau vormt om de infrastructuur veilig, betrouwbaar en beschikbaar te houden.

Daarbij wijst ProRail op de gevolgen van het niet of slechts gedeeltelijk indexeren van het Mobiliteitsfonds. Hierdoor kunnen de beschikbare middelen onder druk komen te staan.

Volgens ProRail zijn tijdige keuzes over onderhoud, vervanging en financiering noodzakelijk om te voorkomen dat problemen zich opstapelen.

De spoorbeheerder waarschuwt dat de beslissingen die de komende periode worden genomen bepalend zijn voor de technische staat en de prestaties van het Nederlandse spoor in de komende jaren.

spot_img

Transportrisico

Van der Lee

Hankook Tyres

MEER NIEUWS