ARNHEM – Rijkswaterstaat waarschuwt de scheepvaart en bedrijven langs de Boven-IJssel dat op korte termijn eenrichtingsverkeer kan worden ingesteld vanwege de zeer lage waterstand. Zodra de minst gepeilde diepte onder de 1,45 meter komt, wordt alleen nog scheepvaart toegestaan van de monding van het Twentekanaal bij Zutphen richting de IJsselkop bij Arnhem. Rijkswaterstaat verwacht dat deze situatie zich de komende dagen kan voordoen.
De waterstand op de IJssel is volgens Rijkswaterstaat nog altijd zeer laag voor de tijd van het jaar. Door het dalende water wordt de beschikbare vaargeul steeds smaller.
Vanwege het lage water gold bij verschillende bochten op de IJssel al een verbod voor schepen om elkaar in te halen of tegemoet te varen. Volgens Rijkswaterstaat zijn deze maatregelen bij een verdere daling niet langer voldoende om de veiligheid van tweerichtingsverkeer te garanderen.
Afvaart richting Zutphen wordt verboden
Als de minst gepeilde diepte onder de grens van 1,45 meter komt, wordt het eenrichtingsverkeer direct ingesteld.
Schepen mogen dan nog wel vanaf de monding van het Twentekanaal bij Zutphen richting de IJsselkop bij Arnhem varen. Dit wordt de opvaart genoemd.
In de tegenovergestelde richting, vanaf de IJsselkop bij Arnhem naar het Twentekanaal, wordt de scheepvaart dan verboden. Deze richting wordt aangeduid als de afvaart.
Met het toestaan van de opvaart probeert Rijkswaterstaat de bereikbaarheid van bedrijven langs de rivier zo lang en zo goed mogelijk in stand te houden.
Diepte bepaalt hoeveel vracht mee kan
Rijkswaterstaat meet dagelijks de minst gepeilde diepte van de rivieren. Dit is de kleinste gemeten afstand tussen de rivierbodem en het wateroppervlak in de vaargeul.
Voor binnenvaartschippers is deze waarde belangrijk om te bepalen hoe diep zij hun schip kunnen laden en daarmee hoeveel vracht veilig kan worden meegenomen zonder het risico vast te lopen.
De actuele minst gepeilde diepte wordt dagelijks om 08.00 uur bekendgemaakt via Teletekst en Vaarweginformatie.
Omvaren betekent 300 kilometer extra route
Het instellen van eenrichtingsverkeer heeft grote gevolgen voor schepen die vanuit de richting Arnhem naar het noorden moeten varen.
Schepen die vanuit Duitsland komen, moeten dan via de Waal naar Tiel varen en daar het Amsterdam-Rijnkanaal nemen. Vervolgens loopt de route via Amsterdam, de Oranjesluizen en het Markermeer naar Lelystad.
Via de Houtribsluizen moeten de schepen vervolgens het IJsselmeer op en via het Ketelmeer terug naar de IJssel.
Deze omvaarroute bedraagt volgens Rijkswaterstaat 300 kilometer.
Wanneer het eenrichtingsverkeer wordt ingesteld, wordt de maatregel met verkeerstekens aangegeven. Bij de IJsselkop komt daarnaast continue scheepvaartbegeleiding.







