DEN HAAG – De Hoge Raad heeft een uitspraak van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch in een arbeidszaak tussen een chauffeur en PostNL Transport vernietigd. De zaak draait om een ontslag op staande voet na vermoedelijke diefstal van pakketten tijdens een transport tussen de distributiecentra in Tilburg en Son.
De werknemer was sinds 2019 in dienst als chauffeur Groot Vervoer. Na een transport in juli 2023 werd hij op non-actief gesteld wegens onregelmatigheden en kort daarna ontslagen. De kantonrechter oordeelde dat geen dringende reden voor het ontslag bestond en kende de werknemer vergoedingen toe. Het gerechtshof kwam in hoger beroep echter tot een andere conclusie en stelde dat het, gelet op diverse omstandigheden, “niet anders kon” dan dat de chauffeur goederen uit pakketten had weggenomen.
Camerabeelden en zitting centraal
In hoger beroep speelde het gebruik van camerabeelden een belangrijke rol. Volgens het proces-verbaal werd tijdens de zitting van 1 augustus 2024 aangekondigd dat het hof vragen zou stellen aan de hand van deze beelden. De bestanden konden alleen met speciale software worden bekeken. De advocaat van de werknemer verklaarde dat hij de beelden vooraf niet had kunnen openen, ondanks pogingen daartoe, en dat hij daarom onvoldoende voorbereid was.
Tijdens de zitting ontstond discussie over de volledigheid van de beelden. De verdediging stelde dat mogelijk uitgebreidere registraties bestonden en dat ook andere chauffeurs vergelijkbare handelingen verrichtten. Het hof gaf aan de beelden voorafgaand aan de zitting al volledig te hebben bekeken en gebruikte ze vervolgens mede als bewijs bij zijn oordeel.
Samenstel van belastende omstandigheden
Het hof baseerde zijn oordeel op een reeks factoren. Zo zouden dozen in Tilburg intact zijn ingeladen, terwijl ze in Son beschadigd en zonder inhoud op de distributieband werden aangetroffen. Ook zou de chauffeur tijdens het laden enkele minuten in de trailer zijn gebleven zonder licht aan te doen en zonder duidelijke reden. Verder speelde mee dat de verzegeling van de trailer door hem zelf werd verbroken en dat uit GPS-gegevens bleek dat onderweg kort was gestopt.
Volgens het hof was het gehele logistieke proces met beveiligingsmaatregelen omgeven en was de chauffeur de enige die in de relevante periode toegang tot de lading had. Absolute zekerheid over diefstal was volgens het hof niet vereist; een sterke mate van aannemelijkheid volstond.
Hoge Raad: waarborgen eerlijk proces onvoldoende
De Hoge Raad oordeelt nu dat het hof meer had moeten doen om te garanderen dat de werknemer en zijn advocaat voorafgaand aan de zitting volledig kennis konden nemen van de camerabeelden. Omdat het oordeel mede op die beelden was gebaseerd, zijn de beginselen van hoor en wederhoor en ‘equality of arms’ onvoldoende gewaarborgd.
Daarnaast heeft het hof volgens de Hoge Raad onvoldoende gemotiveerd waarom het aanbod van de werknemer om tegenbewijs te leveren – bijvoorbeeld door getuigen te horen – werd gepasseerd.
De Hoge Raad heeft de hofuitspraak daarom vernietigd en de zaak verwezen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor verdere behandeling. PostNL is veroordeeld tot betaling van de proceskosten in cassatie.




