APELDOORN – TNO heeft deze week op de A1 bij Apeldoorn een proef uitgevoerd met nieuwe technieken om vrachtwagens en andere dieselvoertuigen met een uitzonderlijk hoge uitstoot op te sporen. Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en in samenwerking met de politie en twee leveranciers van optische meetsystemen.
De proef richtte zich op zogenoemde high emitters: voertuigen die verantwoordelijk zijn voor een onevenredig groot deel van de uitstoot van stikstofoxiden (NOx) en fijnstof.
Kleine groep veroorzaakt groot deel van uitstoot
Uit eerdere onderzoeken van TNO blijkt dat ongeveer 10 procent van de vrachtwagens verantwoordelijk is voor circa 35 procent van de totale NOx-uitstoot van het vrachtverkeer. Bij fijnstof ligt dat aandeel nog hoger: ongeveer 5 procent van de dieselvoertuigen veroorzaakt circa 90 procent van de uitstoot binnen die categorie.
De verhoogde uitstoot kan volgens TNO verschillende oorzaken hebben, zoals defecte emissiesystemen, achterstallig onderhoud of manipulatie van emissiebeperkende systemen.
Bij de beoordeling wordt altijd gekeken naar vergelijkbare voertuigen binnen dezelfde categorie. Oudere voertuigen mogen daarbij hogere emissiewaarden hebben dan moderne voertuigen.
Metingen vanuit berm én rijdende meetbus
Tijdens de proef werden verschillende meetmethoden ingezet. Langs en boven de snelweg stonden optische meetsystemen opgesteld die de uitstoot van passerende voertuigen in real-time analyseerden.
Daarnaast reed de zogenoemde TNO-snuffelbus mee in het verkeer. Deze meetwagen analyseert de uitlaatgassen in de luchtstromen achter voertuigen om de daadwerkelijke emissies tijdens het rijden vast te stellen.
Voertuigen die door de meetsystemen werden aangemerkt als mogelijke high emitters, werden vervolgens in samenwerking met de politie naar een controlelocatie geleid.
Geen boetes, wel inspecties
Op de controlelocatie voerden onderzoekers van TNO aanvullende emissiemetingen uit en werd de boordcomputer van de voertuigen uitgelezen.
De proef had nadrukkelijk geen handhavingsdoel. Er werden geen boetes uitgedeeld. Het onderzoek was uitsluitend bedoeld om verschillende detectiemethoden te testen en te beoordelen welke aanpak het meest effectief is voor toekomstige controles.
Om de meetapparatuur te kalibreren en te valideren reed ook een speciaal TNO-voertuig met een bewust verhoogde uitstoot door de meetopstellingen. Daarmee konden de prestaties van de verschillende systemen onderling worden vergeleken.
Input voor Europese regelgeving
De resultaten van de proef worden gebruikt voor de herziening van het Europese Road Worthiness Package, het pakket regelgeving dat onder meer betrekking heeft op APK-keuringen en wegkantinspecties.
Met de herziening wil de Europese Unie ervoor zorgen dat voertuigen niet alleen nieuw aan de emissie-eisen voldoen, maar ook gedurende hun gehele levensduur schoon blijven rijden.
TNO onderzoekt onder meer hoe screeningssystemen en inspectieprocedures beter op elkaar kunnen worden afgestemd en welke locaties het meest geschikt zijn voor effectieve emissiecontroles met zo min mogelijk hinder voor weggebruikers.
De bevindingen worden ingebracht in het Europese beleidsproces rond de toekomstige voertuigkeuringen en controles langs de weg.






