ALMELO – Een 43-jarige man uit Gronau is door de Rechtbank Overijssel veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 jaar en 10 maanden voor het ontvoeren, verkrachten en proberen te vermoorden van zijn ex-partner op 30 augustus 2024.
De man en het slachtoffer hadden 22 jaar een relatie en kregen samen vijf kinderen. De vrouw had de relatie ongeveer twee jaar eerder verbroken. Volgens de rechtbank kon de man dat niet verkroppen.
Afgelegen plek
De man lokte zijn ex-partner op 29 augustus 2024 onder valse voorwendselen naar zijn auto, die een storing zou hebben. Hij vroeg haar om hem de volgende ochtend opnieuw naar zijn auto te brengen, die op een afgelegen plek stond.
Daar haalde hij een stroomstootwapen en tape uit de kofferbak. Vervolgens nam hij plaats in de auto van het slachtoffer, viel haar aan met het stroomstootwapen en bond haar vast. Daarna volgde een urenlange rit met onderbrekingen op afgelegen locaties.
Tijdens deze rit werd het slachtoffer geslagen, gestompt, gewurgd, ontkleed, verkracht en met de dood bedreigd. Uiteindelijk liet de man haar gaan. Gewond en met alleen een trui aan wist zij thuis te komen. Haar dochter schakelde daarop de politie in.
Poging tot moord en verkrachting
De rechtbank oordeelt dat de man de intentie had om zijn ex-partner te doden. Het bleef bij een poging, maar zijn handelingen waren volgens de rechtbank gericht op haar dood. Daarbij is vastgesteld dat hij met voorbedachte raad handelde en zijn plan grondig had voorbereid.
Ook acht de rechtbank verkrachting bewezen. Van vrijwillige seks, zoals de man had aangevoerd, was volgens de rechtbank geen sprake.
Geen tbs, wel hogere straf
Het Openbaar Ministerie had een gevangenisstraf van 10 jaar en tbs geëist, en, als tbs niet zou worden opgelegd, een gevangenisstraf van 16 jaar.
De rechtbank legt geen tbs op, omdat geen stoornis kon worden vastgesteld. De man werkte niet mee aan onderzoeken. Wel legt de rechtbank een hogere gevangenisstraf op dan geëist. Volgens de rechtbank wordt het de man zwaar aangerekend dat hij het leven van zijn ex-partner op dwingende wijze heeft willen controleren, haar extreme angst heeft aangejaagd, geen verantwoordelijkheid heeft genomen voor zijn daden en geen blijk heeft gegeven van oprechte spijt.
Omdat de redelijke termijn is overschreden, is een strafkorting van twee maanden toegepast. Dat resulteert in een gevangenisstraf van 18 jaar en 10 maanden.
Daarnaast is aan de man een contactverbod met het slachtoffer opgelegd en een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel die na afloop van de gevangenisstraf kan worden toegepast. Ook moet hij het slachtoffer een schadevergoeding van ruim 30.000 euro betalen.



