‘S-HERTOGENBOSCH – De Rechtbank Oost-Brabant heeft een 28-jarige man veroordeeld voor het veroorzaken van een verkeersongeval met zwaar lichamelijk letsel in Eindhoven. De verdachte, destijds bestuurder van een stadsbus, krijgt een taakstraf van 160 uur en een rijontzegging van 12 maanden, waarvan 9 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Het ongeval vond plaats op 3 juli 2024 op de Emmasingel in Eindhoven.
Zonder te remmen aangereden
De rechtbank stelt vast dat de buschauffeur met ongeveer 35 kilometer per uur een bocht nam en een groep van vier overstekende voetgangers zag, onder wie het latere slachtoffer. De voetgangers waren al begonnen met oversteken toen de bus naderde.
De bestuurder waarschuwde met de trambel en claxonneerde, maar verminderde zijn snelheid niet en remde niet. Ook week hij niet uit, terwijl daar volgens de rechtbank wel ruimte voor was. De bus reed in één vloeiende beweging door en raakte de voetganger, die nog op de rijbaan liep.
Het slachtoffer liep onder meer een schedelbreuk, een gebroken bekken, aangezichtsbreuken en een gebroken pols op. Zij moest meerdere keren worden opgenomen in het ziekenhuis en de verwachte hersteltijd bedroeg zes tot negen maanden. De rechtbank kwalificeert het letsel als zwaar lichamelijk letsel in de zin van artikel 6 van de Wegenverkeerswet.
Zeer onvoorzichtig en onoplettend
Volgens de rechtbank is sprake van “zeer onvoorzichtig en onoplettend” rijgedrag. Van de verdachte mocht als professioneel buschauffeur extra zorgvuldigheid worden verwacht, zeker op een locatie in de binnenstad waar veel voetgangers oversteken.
De rechtbank oordeelt dat de chauffeur erop heeft gegokt dat de voetgangers de overkant tijdig zouden bereiken. Dat is volgens de rechters geen verschuldigde beoordelingsfout, maar ernstige schuld in de zin van artikel 6 WVW.
De officier van justitie had een taakstraf van 120 uur en een voorwaardelijke rijontzegging van zes maanden geëist. De verdediging pleitte voor vrijspraak dan wel ontslag van alle rechtsvervolging, of bij een veroordeling toepassing van artikel 9a Sr (geen straf).
Zwaardere straf dan geëist
De rechtbank komt tot een zwaardere straf dan door het Openbaar Ministerie was gevorderd, omdat zij tot een ernstiger mate van schuld concludeert. Bij ernstige schuld met zwaar lichamelijk letsel hanteren rechters als oriëntatiepunt een taakstraf van 160 uur en een onvoorwaardelijke rijontzegging van 12 maanden.
Bij het bepalen van de straf hield de rechtbank rekening met het blanco strafblad van de verdachte en zijn persoonlijke omstandigheden, waaronder zijn rol als mantelzorger voor zijn moeder. Daarom is negen maanden van de rijontzegging voorwaardelijk opgelegd.
De rechtbank ziet, gelet op de ernst van het feit en de grote gevolgen voor het slachtoffer, geen ruimte om af te zien van strafoplegging.



