DEN HAAG – De prijzen van bestaande koopwoningen zijn in 2025 in Nederland gemiddeld met 8,6 procent gestegen ten opzichte van een jaar eerder. In de provincie Drenthe was de prijsstijging met 11,1 procent het grootst. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Kadaster naar de prijsontwikkeling van bestaande particuliere koopwoningen.
De prijsstijging in 2025 was nagenoeg gelijk aan die van 2024, toen de prijzen met gemiddeld 8,7 procent toenamen. Net als een jaar eerder wisselden ook meer woningen van eigenaar. In totaal werden in 2025 238.695 woningen verkocht, een stijging van 15,6 procent ten opzichte van 2024. Alleen in 2017 lag het aantal woningtransacties hoger.
Grootste prijsstijging in Drenthe, meeste transacties in Utrecht
Voor het eerst sinds het begin van de meting was de prijsstijging in Drenthe het hoogst van alle provincies. Ook in Groningen (10,9 procent), Overijssel en Gelderland (beide 10 procent) stegen de prijzen sterker dan het landelijke gemiddelde. De kleinste prijsstijging werd gemeten in Noord-Holland, waar de prijzen met 6,1 procent toenamen. In Zuid-Holland en Limburg was de stijging met 8,6 procent gelijk aan het landelijk gemiddelde.
Het aantal woningtransacties nam in vijf van de twaalf provincies sterker toe dan gemiddeld in Nederland. De grootste stijging werd geregistreerd in de provincie Utrecht, met ruim 19 procent meer transacties. In Flevoland was de toename met bijna 12 procent het kleinst.
Utrecht koploper onder grote steden
Van de vier grootste steden noteerde de gemeente Utrecht in 2025 zowel de grootste prijsstijging als de sterkste groei van het aantal transacties. De prijzen stegen daar met 9,4 procent en het aantal transacties met 20,1 procent. In Amsterdam bleef de prijsstijging met 3,6 procent het meest achter. Ook in Rotterdam (7,2 procent) en Den Haag (7,7 procent) was de prijsontwikkeling lager dan het landelijke gemiddelde.
Appartementen het meest verhandeld
In 2025 waren voor het tweede jaar op rij alle woningtypen duurder dan een jaar eerder. De grootste prijsstijgingen werden gemeten bij tussenwoningen, hoekwoningen en twee-onder-een-kapwoningen, elk met 9,3 procent. Appartementen kenden met 7,3 procent de kleinste prijsstijging.
Het aantal transacties nam het sterkst toe bij appartementen. Met een stijging van 24,6 procent was dit woningtype veruit het meest in trek. Ruim een derde van alle woningtransacties in 2025 betrof een appartement. De stijging van het aantal transacties was het kleinst bij vrijstaande woningen, met 8,9 procent.
Het CBS wijst erop dat cijfers van andere partijen, zoals de NVM, kunnen afwijken. Dat komt doordat verschillende bronnen en meetmethoden worden gebruikt bij het in kaart brengen van de woningmarkt.



