WASHINGTON – Iran wil olietankers een dollar per vat olie vragen om door de Straat van Hormuz te mogen varen, zegt de Iraanse brancheorganisatie van olie-exporteurs (OPEX). De tol moet worden afgerekend in cryptomunten, liet een woordvoerder van de organisatie aan de Financial Times weten.
De Straat van Hormuz gaat weer open nu er een staakt-het-vuren is, hebben de Verenigde Staten en Iran afgesproken. Iran heeft de zeestraat praktisch geblokkeerd toen de oorlog begon. Daardoor liggen honderden tankers vast in de Perzische Golf. Die is normaliter goed voor een vijfde van de wereldwijde aanvoer van olie. Voorheen was de doorvaart vrij, een tot voor kort bijna heilig principe uit het zeerecht.
Iran wil passerende schepen in de belangrijke zeestraat nauwgezet inspecteren, stelt de woordvoerder van de OPEX, die nauw met het Iraanse regime is verbonden. Dat moet volgens hem voorkomen dat wapens door de straat worden vervoerd. “De procedure vergt tijd voor ieder schip, en Iran heeft geen haast”, waarschuwde hij. Met tolbetaling in digitale munt hoopt Iran te voorkomen dat de verdiensten last hebben van de zware internationale sancties die Iran zijn opgelegd. Lege tankers zouden vrije doortocht krijgen.
Toltarieven
Vorig jaar vervoerden tankers gemiddeld zo’n 20 miljoen vaten olie per dag door de Straat van Hormuz. Dat had Iran tegen de toltarieven die OPEX oppert 7,3 miljard dollar (6,2 miljard euro) opgeleverd.
De Amerikaanse president Donald Trump wil de zeestraat wel samen met Iran beheren, zei hij tegen nieuwszender ABC. “We denken erover het als een joint venture te doen”, zei hij op vragen over de tolheffing.




