DEN HAAG – Tijdens het Kamerdebat woensdag over de economische gevolgen van de oorlog in Iran toonden D66 en het CDA interesse in een plafond voor de prijzen aan de pomp. Partijleider Jesse Klaver (GroenLinks-PvdA) kwam met dat idee en wil grote olie- en gasbedrijven ervoor laten betalen.
Stephan Neijenhuis (D66) noemde het plan “interessant”. Wel wilde hij weten of Klaver bereid is de overheid bij te laten betalen, mochten producenten niet willen interen op hun marges. Klaver wil dat nadrukkelijk niet, omdat burgers er dan voor opdraaien.
CDA-leider Henri Bontenbal toonde eveneens interesse, maar ziet ook keerzijden. Hij denkt dat een maximumprijs er juist voor zorgt dat alle pomphouders die prijs aanhouden en de rekening daardoor extra hoog blijft. Ook zou de prijs minder snel kunnen dalen als de overheid ingrijpt in de markt. Pieter Grinwis (ChristenUnie) deelt die vrees. “Ik geloof direct dat het een prijsstijging afremt, maar een prijsdaling mogelijk ook.”
De VVD wil vooral op korte termijn maatregelen, zoals het verlagen van de brandstofaccijnzen. Ook Hidde Heutink (Groep Markuszower) wil dat de accijnzen omlaag gaan, omdat andere maatregelen volgens hem te veel tijd kosten. “We moeten de mensen toch vandaag helpen?”
Maar volgens Klaver is het verlagen van de accijnzen “ontzettend duur” en zijn dan meer bezuinigingen nodig, bijvoorbeeld op de zorg. Hij erkende wel dat er enige tijd nodig is voordat het prijsplafond kan ingaan, aangezien daar een wetswijziging voor nodig is. “Alle beloftes dat het volgende week beter is, zijn niet waar.”




