ROTTERDAM – De goederenoverslag in de haven van Rotterdam is in 2025 met 1,7 procent gedaald tot 428,4 miljoen ton. Vooral het segment droge bulk liet een forse terugval zien. In de tweede helft van het jaar waren in alle segmenten tekenen van herstel zichtbaar. Dat blijkt uit de jaarcijfers van het Havenbedrijf Rotterdam.
De containeroverslag nam in 2025 met 3,1 procent toe tot 14,2 miljoen TEU. In tonnage was echter sprake van een lichte daling van 0,2 procent. Het bedrijfsresultaat van het Havenbedrijf bleef stabiel. In totaal werd 291,4 miljoen euro geïnvesteerd.
Druk op industrie en investeringen
De grootste daling vond plaats bij droog massagoed (-6,5 procent). De overslag van ijzererts en schroot daalde met 11,5 procent, terwijl de kolenoverslag met 8,7 procent afnam tot 17,3 miljoen ton. Oorzaken liggen onder meer bij de zwakke concurrentiepositie van de Europese staalindustrie, hoge energie- en CO₂-prijzen en goedkope import.
Nat massagoed daalde met 1,5 procent. De overslag van ruwe olie steeg met 3,4 procent tot 101,2 miljoen ton, maar minerale olieproducten daalden met 12,6 procent. LNG liet juist een sterke groei zien van 15,1 procent tot 13,0 miljoen ton, doordat Europese gasvoorraden meer moesten worden aangevuld dan in 2024.
Binnen het containersegment groeiden de importvolumes uit Azië met 9,3 procent. Ook het verkeer van en naar Noord-Amerika nam toe (+13,6 procent). Transhipment daalde echter met 15,9 procent in TEU, mede door drukte aan de kades en verschuivingen naar andere havens.
Ondertussen blijven de zorgen over het investeringsklimaat groot. In de afgelopen twaalf maanden maakten meerdere chemische bedrijven bekend hun fabrieken in Rotterdam te sluiten of investeringen – vooral in hernieuwbare brandstoffen – stop te zetten. Volgens het Havenbedrijf zijn de in 2025 genomen kabinetsmaatregelen positief, maar onvoldoende om het Nederlandse speelveld gelijk te trekken met andere Europese landen. Ook de concurrentie uit onder meer China blijft merkbaar.
CEO Boudewijn Siemons spreekt van een “uitdagend jaar” waarin chemische en logistieke bedrijven onder grote druk stonden, mede door geopolitieke spanningen en mondiale concurrentie.
Verduurzamingsprojecten in volle gang
Het Havenbedrijf streeft naar 55 procent CO₂-reductie in 2030, maar erkent dat dit doel – net als landelijk – steeds moeilijker haalbaar lijkt. In 2025 werd gewerkt aan diverse grote verduurzamingsprojecten.
Zo is Air Liquide gestart met de bouw van een 200 MW-waterstoffabriek op de Maasvlakte, die eind 2027 operationeel moet zijn. De elektrolyser van Shell (Holland Hydrogen I) volgt naar verwachting eind 2026. Het CCS-project Porthos bevindt zich in de laatste fase; de installatie van de 20 kilometer lange offshore-pijpleiding is afgerond en ingebruikname wordt eind 2026 verwacht.
Ook het waterstofnetwerk vordert. Het laatste deel van de 32 kilometer lange leiding is aan elkaar gelast. Uiteindelijk moet dit netwerk industriële regio’s in Nederland, Duitsland en België verbinden.
Meer aandacht voor veiligheid en weerbaarheid
Door de veranderde veiligheidssituatie in de wereld krijgt defensielogistiek mogelijk een grotere rol in de haven. Op de Maasvlakte is 15 hectare gereserveerd voor een terminal binnen het Nationaal Programma Ruimte voor Defensie. Ook kunnen op de stranden van de Maasvlakte amfibische oefeningen plaatsvinden.
Daarnaast neemt de digitale dreiging toe. Cyberaanvallen en drones worden vaker ingezet voor sabotage, spionage of smokkel. Het Havenbedrijf werkt samen met andere Nederlandse zeehavens om de digitale weerbaarheid te versterken. In 2026 start de eerste fase van de ontwikkeling naar een volledig U Space-luchtruim, waarin dronevluchten alleen onder strikte regels en digitale ondersteuning zijn toegestaan.
Financiële resultaten stabiel
De opbrengsten van het Havenbedrijf stegen met 6,6 procent tot 940,4 miljoen euro. De havengelden namen met 7,9 procent toe, vooral door indexatie en een gewijzigde tariefstructuur.
De operationele lasten stegen met 38,3 miljoen euro, onder meer door hogere personeelskosten (cao-wijzigingen) en exploitatielasten. De EBITDA kwam uit op 583,6 miljoen euro (+3,6 procent). Het nettoresultaat daalde licht met 7,8 miljoen euro tot 266,0 miljoen euro, mede door hogere afschrijvingen en een eenmalige waardevermindering van 13 miljoen euro.
De dividenduitkering over 2025 bedraagt 186,2 miljoen euro, gelijk aan 70 procent van het nettoresultaat.
Oproep tot consistent beleid
Het Havenbedrijf pleit voor consistent en langjarig beleid om het investeringsklimaat te verbeteren. Hoewel maatregelen als het schrappen van de plastic-heffing, het herstel van de IKC ETS en het opschorten van de nationale CO₂-heffing positief zijn, blijven knelpunten als stikstofproblematiek, netcongestie en hoge energiekosten bestaan.
Volgens het Havenbedrijf is Nederland gebaat bij blijvende investeringen in infrastructuur en industriebeleid om de concurrentiepositie, welvaart en strategische relevantie te waarborgen.



