De Rechtbank Overijssel heeft een 66-jarige vrachtwagenchauffeur vrijgesproken van het veroorzaken van een verkeersongeval waarbij een 85-jarige fietsster gewond raakte. Volgens de rechtbank kan niet wettig en overtuigend worden bewezen dat de bestuurder schuld heeft aan het ongeval.
Dat blijkt uit een vonnis van 17 februari 2026.
Ongeval op rotonde bij Welsummerweg
Het ongeval vond plaats op 7 mei 2025 rond 13.50 uur in Dalfsen. De verdachte reed met een vrachtwagen over de Rondweg en nam de rotonde richting de Welsummerweg. Bij het verlaten van de rotonde stopte hij eerst om fietsers op het fietspad voorrang te verlenen.
Op dat moment fietste de 85-jarige vrouw op een elektrische fiets over het vrijliggende fietspad naast de Rondweg, komende uit de richting van de Vechtdijk. Na de rotonde komt het fietspad langs de Welsummerweg eerst gescheiden door een groenstrook naast de rijbaan te liggen en gaat daarna over in een fietsstrook met rode markering op een relatief smalle rijbaan voor verkeer in twee richtingen.
Vaststaat dat de vrachtwagen en de fietsster op enig moment naast elkaar op de Welsummerweg reden en dat de vrouw ten val kwam terwijl zij naast de vrachtwagen fietste. Zij liep daarbij meerdere huidverwondingen en een complexe breuk van haar linker pols op.
Geen bewijs dat vrachtwagen op fietsstrook reed
De officier van justitie vond dat de chauffeur aanmerkelijk onvoorzichtig had gereden en eiste een veroordeling voor het veroorzaken van een verkeersongeval met zwaar lichamelijk letsel. De verdediging pleitte voor vrijspraak van het primaire verwijt.
De rechtbank oordeelt dat uit het dossier niet kan worden vastgesteld dat de vrachtwagen op de fietsstrook heeft gereden. Een getuige verklaarde dat dit wel het geval was, maar de verdachte ontkende dat. Uit de verklaring van het slachtoffer blijkt evenmin dat de vrachtwagen (deels) op de fietsstrook reed.
Ook kan volgens de rechtbank niet worden vastgesteld dat de vrachtwagen de fiets heeft geraakt. De chauffeur verklaarde dat hij de vrouw zag slingeren. Een getuige zag eveneens uitwijkmanoeuvres. De rechtbank acht het niet ondenkbaar dat de fietsster door die bewegingen – op de smalle rijbaan – in aanraking is gekomen met de vrachtwagen en daardoor ten val is gekomen.
Dat de vrachtwagen na het ongeval deels op het fietspad stond, kan volgens de rechtbank worden verklaard doordat de bestuurder na de val direct naar rechts stuurde om te stoppen.
Geen overtreding verkeersregels bewezen
Omdat niet kan worden vastgesteld dat de vrachtwagen op de fietsstrook reed, kan ook niet worden bewezen dat de chauffeur geen voorrang heeft verleend of de fietsster niet ongehinderd haar weg heeft laten vervolgen (artikel 18 RVV). Evenmin acht de rechtbank een overtreding van artikel 19 RVV – over het aanpassen van de snelheid – bewezen.
De rechtbank sprak de verdachte daarom vrij van het primair, subsidiair en meer subsidiair ten laste gelegde.
Hoewel vaststaat dat de vrouw letsel heeft opgelopen, kwam de rechtbank door de vrijspraak niet toe aan de juridische kwalificatie van het letsel als zwaar lichamelijk letsel.



