DEN HAAG – Het dagelijks leven in Nederland is in januari 2,4 procent duurder geworden dan een jaar eerder, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Daarmee viel de inflatie veel lager uit dan een maand eerder, toen de prijzen gemiddeld met 2,8 procent stegen.
Vooral de prijzen voor eten, drinken en tabak stegen minder hard. Tegelijkertijd stegen de energieprijzen, inclusief die voor benzine en diesel, weer lichtjes. In december gingen die nog omlaag.
In vergelijking met december daalden in januari de prijzen die consumenten betalen met 0,7 procent. Het CBS plaatst daar wel een kanttekening bij. De tijdelijke seizoensinvloeden kunnen hier groot zijn, bijvoorbeeld bij kleding die in de uitverkoop wordt gedaan. Die afprijzingen zijn geen blijvende prijsdaling.
Op basis van de Europese meetmethode kwam de inflatie in Nederland in januari uit op 2,2 procent, tegenover 2,7 procent in december. Bij de binnen de Europese Unie afgesproken methode wordt geen rekening gehouden met de kosten voor het wonen in de eigen woning. Bij de Nederlandse methode tellen ze wel mee.
Het CBS maakte de inflatiecijfers bekend op basis van een voorlopige raming. Later deze maand komt het statistiekbureau met een definitief cijfer, met meer details over welke producten precies duurder of goedkoper werden.



