ROTTERDAM – LBC Tank Terminals, Associated British Ports (ABP) en North Sea Port hebben een memorandum of understanding (MoU) ondertekend om samen een CO₂-terminal en een maritieme transportcorridor voor afgevangen koolstofdioxide te ontwikkelen tussen Noordwest-Europa en het Verenigd Koninkrijk. Met deze samenwerking willen de partijen bijdragen aan de ontkoling van energieproductie en zware industrie en tegelijk een nieuwe grensoverschrijdende markt voor CO₂-transport creëren.
Opschaling van CO₂-oplossingen
De overeenkomst vormt de basis voor gezamenlijke ontwikkeling van scheepvaartroutes voor afgevangen CO₂. Daarmee moeten sectoren die moeilijk te verduurzamen zijn hun uitstoot kunnen verminderen, terwijl havens en opslagterminals een sleutelrol krijgen in de groene economie.
LBC brengt operationele expertise en infrastructuur in voor tijdelijke opslag en verscheping van CO₂. ABP levert opslagcapaciteit in het Verenigd Koninkrijk via een geplande CCS-terminal in de Port of Immingham, gekoppeld aan het Viking CCS-cluster. North Sea Port ondersteunt CCS-projecten vanuit zijn strategische ligging en netwerk van industrieën die verschillende verduurzamingsroutes onderzoeken.
De samenwerking richt zich onder meer op:
- het ontwerpen van haveninfrastructuur voor CO₂-handling, -opslag en -scheepvaart;
- het opbouwen van een robuuste waardeketen voor CO₂-transport tussen de Humber-havens van ABP en North Sea Port;
- het stimuleren van innovatie en efficiëntie in CO₂-transport binnen Carbon Capture, Utilization and Storage (CCUS).
Havens als schakelpunt in energietransitie
Volgens Henrik Pedersen, CEO van ABP, zijn havens traditioneel poorten voor energie, maar spelen zij nu een voortrekkersrol in de energietransitie. De samenwerking moet infrastructuur en partnerschappen opleveren die nodig zijn om industrie te verduurzamen en nieuwe kansen voor duurzame groei te creëren. Daarbij kan het Verenigd Koninkrijk zijn geologische opslagcapaciteit benutten om op korte termijn emissiereducties in Europa mogelijk te maken en tegelijkertijd exportpotentieel te realiseren.
Noordzee biedt grote opslagcapaciteit
De Noordzee beschikt over aanzienlijke geologische capaciteit voor permanente CO₂-opslag. Scheepvaart biedt daarbij flexibiliteit om uitstoters met opslaglocaties te verbinden. Studies, waaronder recente analyses van de Carbon Capture and Storage Association (CCSA), wijzen erop dat een pan-Europese CO₂-markt – inclusief het VK – kosten kan verlagen door schaalvoordelen en nabijheid van opslaglocaties.
Cas König, CEO van North Sea Port, benadrukt dat koolstofscheepvaart een essentiële en flexibele schakel is in industriële verduurzaming. Met het MoU wordt volgens hem een praktische stap gezet richting een grensoverschrijdende CO₂-corridor die uitstoters verbindt met gecertificeerde opslag in de Noordzee, zonder de industriële concurrentiekracht van Europa te ondermijnen.
Vlissingen als centraal knooppunt
De terminal van LBC in Vlissingen wordt gepositioneerd als centraal knooppunt in het netwerk. Dankzij directe toegang tot de Noordzee en goede verbindingen met industriële regio’s in Noordwest-Europa is de locatie geschikt voor opslag en doorvoer van afgevangen CO₂.
Recent sloot LBC ook een MoU met duisport om gezamenlijk een binnenlandse ammoniak- en CO₂-terminal in Duisburg te ontwikkelen. Daarmee ontstaat een strategische verbinding tussen het Ruhrgebied en Vlissingen binnen North Sea Port.
Met de combinatie van de Duisburg–Vlissingen-as en de geplande scheepvaartroute naar het VK positioneert LBC zich als verbindende partij in het veilig en efficiënt transporteren van afgevangen industriële emissies naar offshore opslaglocaties in de Noordzee.



