Tot 14 jaar celstraf geëist tegen plofkraakbende

Tot 14 jaar celstraf geëist tegen plofkraakbende
11-10-2018 19:51 | Binnenland | auteur Redactie [FE]

UTRECHT - De zeven verdachten van ram- en plofkraken hoorden vandaag gevangenisstraffen variërend van vijf tot veertien jaar tegen zich eisen. In de periode van juli 2015 tot hun aanhouding in september en oktober 2016 maakten ze zich schuldig aan negentien ram- en plofkraken in diverse plaatsen in Nederland. De hoogte van de eisen is gebaseerd op de nieuwe richtlijn van het Openbaar Ministerie van 1 mei 2018. De feiten zijn weliswaar voor die tijd gepleegd maar zijn nu juist aanleiding voor de nieuwe richtlijn.

De impact van dit soort criminaliteit is groot. Schade aan de supermarkten, geldautomaten die onbruikbaar zijn, grote angst bij ondernemers, personeel, omwonenden en de samenleving in het algemeen. Een verstoorde bedrijfsvoering, brand- en instortingsgevaar, gevoelens van onmacht bij ondernemers die zich hier moeilijk tegen kunnen beveiligen. Het te duchten levensgevaar door brand als mensen boven een winkelpand liggen te slapen. Het gevaar dat passanten worden geraakt door wegslingerende onderdelen van een geldautomaat. Het rijden met grote snelheid in vluchtauto’s, met gasflessen in de auto. Het bedreigen van politie en burgers. Het voorhanden hebben van vuurwapens. Kortom: een gewelddadige en gevaarlijke vorm van vermogenscriminaliteit die sterke gevoelens van onveiligheid veroorzaken.

In het begin, in 2015, begon het met het plegen van ram- en trekkraken. Een winkelpui werd kapot gereden en de geldautomaat werd met een sleepkabel opengetrokken. In mei 2016 werden geldautomaten open gebrand met een thermische lans. Een maand later werd overgestapt op de plofkraken waarbij de geldautomaten door gasexplosies werden opgeblazen. In alle gevallen ging het om geldautomaten van de ING in filialen van de Albert Heijn.

De mannen vormden een criminele organisatie en opereerden in groepen van drie. De zevende verdachte had een loods in Kerkdriel gehuurd waar ze elkaar ontmoetten, waar de gestolen auto’s van valse kentekens werden voorzien en gereedschappen en buit werden verborgen. De twee groepen maakten ook gebruik van elkaars auto’s en hielpen elkaar de buit te verbergen. Ook werd gebruik gemaakt van een loods op Rotsoord in Utrecht. Uit het onderzoek kwam ook een zekere rolverdeling naar voren. Verder bleek dat de mannen in codetaal spraken, veel contacten hadden met elkaar en langdurig samenwerkten.

Het onderzoek heeft ook de betrokkenheid van de verdachten bij de 19 ram- en plofkraken aan het licht gebracht. Zo is er technisch bewijs als achtergebleven DNA-sporen en glasdeeltjes afkomstig van bepaalde kraken en aangetroffen op de kleding of schoenen van de verdachten. Verder sporen van inkt op geld, kleding, schoenen en andere goederen van de verdachten. Die inkt komt vrij als een geldcassette met geweld wordt geopend; per cassette zit in de inkt een unieke marker van synthetisch DNA. Daarnaast zijn er observaties van de gestolen auto’s waar de verdachten gebruik van maakten, tapgesprekken, de adressen van AH-filialen in de tomtoms van de gebruikte auto’s, en diverse goederen die bij de verdachten werden gevonden: gasflessen, bivakmutsen, PGP-telefoons en met inkt besmeurde bankbiljetten.

Alles in verband gezien vonden de officieren dat de zeven verdachten zich schuldig hadden gemaakt aan negentien ram- en plofkraken en kraken met een thermische lans en dat ze samen een criminele organisatie vormden gericht op het voorbereiden en uitvoeren van deze kraken. Daarbij hebben ze zich schuldig gemaakt aan heling van zestien auto’s. Tenslotte was een verdachte betrokken bij een mishandeling in Harmelen, drie bij een poging bedrijfsinbraak in Lopik, en is één verdachte het doen van een valse aangifte van een autodiefstal en oplichting van een verzekeringsmaatschappij ten laste gelegd.

Gezien de ernst van de feiten, de nieuwe richtlijn van ram- en plofkraken die onlangs van kracht is geworden, de overige strafbare feiten en de professionele werkwijze van de criminele organisatie, eisten de officieren van justitie tegen de verdachten, afhankelijk van hun aandeel en achtergrond, gevangenisstraffen van 5 jaar, 5,4 jaar, 7, 11, 13 en twee keer 14 jaar. Daarnaast moet de criminele winst, die is berekend op ruim zes ton, worden afgepakt.

Ook moeten de vorderingen van de benadeelde partijen (Albert Heijn, ING en een verzekeringsmaatschappij)  worden toegewezen. De vordering van de ING Bank bedroeg in totaal ruim 770.000 euro.

Komende week zal de behandeling van de zaak verder gaan met de pleidooien van de advocaten. Het onderzoek wordt gesloten op 6 december en op 20 december wordt uitspraak gedaan, meldt de rechtbank.

Nieuwsbrief

Elke werkdag het laatste nieuws rond lunchtijd
in uw e-mail ontvangen?

Stuur mij de nieuwsbrief

Wilt u zich afmelden klik dan hier